Vind jij het lastig om simpele beslissingen te maken? Misschien heb je last van Fobo

fobo

Kies ik de rode of de blauwe sneakers? Die met groene strepen of effen? Of ga ik toch beter voor sober zwart? Naast Fomo – ‘Fear of missing out’ – vond de Amerikaanse uitvinder van de term ook een omschrijving voor wie moeilijk simpele keuzes maakt: Fobo of ‘Fear of better options’.

Zeg niet langer keuzestress, maar gebruik iets wat beter bekt: Fobo. Het definiërende kenmerk van iemand die last heeft van Fobo bestaat erin dat die moeilijk kan beslissen over keuzes die eigenlijk simpel, of waarvan alle opties evenwaardig zijn. Zo kunnen Fobo-lijders het zowel moeilijk vinden om het avondeten te bepalen als te kiezen uit verschillende jobaanbiedingen. Ze voelen zich overweldigd door alle keuzemogelijkheden (wat in het Engels ook ‘analysis paralysis’ wordt genoemd), zelfs wanneer de uitkomst onzeker is en zoeken dwangmatig verder naar de beste optie. Fobo is niet bevordelijk voor je geluk en je algemene stressniveau.

 

Geen afspraken maken of cancellen

Deze dwangmatige besluiteloosheid leidt vaak tot het helemaal niet maken van de keuze. Zo hebben mensen die last hebben van Fobo vaak moeite om afspraken vast te leggen, of zeggen ze ze op het laatste moment af. Amerikaans psycholoog Barry Schwartz zegt hierover dat een overvloed aan keuzes leidt tot stress en demotivatie, wat bij sommige mensen resulteert in een totale blokkage.

Snel tevreden of maximaliseren

Een beslissing maken is een complex mentaal proces dat verschillende functies van het brein vereist. Psychologische studies wijzen uit dat in het beslissingsproces mensen kunnen worden opgesplitst in twee groepen: de ‘maximisers’ of de ‘satisficers’ (een porte-manteau van ‘satisified’, bevredigd en ‘sufficed’, volstond). Maximisers maken een keuze gebaseerd op het maximum voordeel dat ze er later zullen uithalen, terwijl satisficers hun keuze maken op basis van minder strenge criteria. Satisficers zijn daarbij vaker gelukkiger met hun uiteindelijke keuze.

Narcisme en privilege

Amerikaans ondernemer en uitvinder van de termen ‘Fobo’ en ‘Fomo’ Patrick McGinnis, stelt dat Fobo niet per se een moderne ziekte is. Volgens hem maakt de wens om het beste te willen biologisch deel uit van wie we zijn. “Onze voorouders waren miljoenen jaren geleden geprogrammeerd om te wachten op de beste optie, want dat betekende dat ze meer kans op slagen hadden.”

Maar ook cultuur speelt een rol in de ontwikkeling van ons Fomo- en Fobo-gehalte. Technologieën zoals het internet en sociale media waren de katalysator voor het steeds vaker voorkomen van dit soort vervelende gevoelens. De mogelijkheid om ons dankzij sociale media steeds met anderen te vergelijken en op de hoogte te zijn van ieders sociale activiteiten bezorgt ons meer Fomo. Daarnaast brengt bijvoorbeeld de komst van online shoppen een overvloed aan keuzes met zich mee, wat leidt tot Fobo. Een andere factor is volgens McGinnis dat Fobo gedreven wordt door narcisme. Bij Fobo stel je immers je eigen belangen voorop en houd je geen rekening met je omgeving. Tenslotte: hoe meer keuzes je hebt, hoe meer je last hebt van Fobo. Meer gepriviligieerden zouden er volgens McGinnis dan ook vaker aan lijden.

Angststoornis

Is Fobo gewoon een nieuw eufemistisch buzzword voor iets serieuzer, zoals een angststoornis?  Nicky Lidbetter, voorzitter van ‘Anxiety UK’ beweert in The Guardian van niet. “Angsten kunnen bij het maken van belangrijke levenskeuzes zeker opduiken, maar het is waarschijnlijker dat Fobo gelinkt is aan of een trigger is voor een bestaande angststoornis – in plaats van echt een angststoornis an sich te zijn.”Waar staat de “fear” in Fobo dan voor? Volgens McGinnis gaat het om de angst om los te laten, namelijk die dingen die je niét kiest.

Tips

Fomo is volgens McGinnis niet helemaal slecht: het kan je helpen om avontuurlijk te zijn en nieuwe dingen te proberen. Aan Fobo is daarentegen helemaal niets goed; het zorgt vaak voor ongeluk en ontevredenheid. Het keuzeproces zelf levert al veel stress op, en ook gemaakte keuzes worden achteraf nog betwijfeld. Maak je de foute keuze, dan geef je jezelf de schuld.

Sociaal pyscholoog Arno Roets geeft in NRC Handelsblad verschillende tips om beter om te gaan met Fobo. Het belang van verschillende keuzes moet tegen elkaar worden afgewogen; aan minder belangrijke keuzes mag je niet te veel tijd verspillen. Voor belangrijke keuzes kan je meer tijd uittrekken en stel je best een lijstje met criteria op om te zien welke optie het best bij je past. Roets geeft ook aan dat je de keuzemogelijkheden best beperkt; het is makkelijker te kiezen uit vijf opties dan uit 500. Als laatste is het belangrijk niet te veel terug te kijken op je gemaakte keuzes en jezelf niet te kwellen met “als”-vragen. De stress en het tijdsverlies is het vaak niet waard.