SOUNDCHECK. Het Zesde Metaal: “Deze ep moest letterlijk een kunstwerkje worden”

SOUNDCHECK. Het Zesde Metaal:
Foto Jesse Willems

Voor het album ‘Meesters’ liet Het Zesde Metaal zich inspireren door de collectie van het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen (KMSKA). “We bevrijden de schilderijen uit hun kader.”

Het gaat goed met Het Zesde Metaal. Elf jaar geleden met ‘Akattemets’ nog een goed bewaard geheim, maar via ‘Ploegsteert’, ‘Nie voe kinders’ en ‘Calais’ uitgegroeid tot een vaste muzikale waarde. Wannes Cappelle en schrijfpartner/bassist/toetsenman Robin Aerts weten hoe ze de juiste aanzet kunnen geven richting Tom Pintens (gitaar, zang, synth), Tim Van Oosten (drums) en Filip Wauters (gitaar). Op ‘Meesters’ staan zes songs gebaseerd op zes topstukken uit de collectie van het KMSKA en vier instrumentale nummers die vertrokken vanuit een anonieme meester.



Wannes Cappelle: “Sinds ‘Ploegsteert’ hebben we tussen twee elpees steeds een ep gemaakt. Het laat ons toe om songgewijs buiten de lijntjes te kleuren. Toen het KMSKA ons vroeg Artist in Residence te worden, hadden we meteen een gedroomd thema. Vier van de vijf bandleden wonen trouwens op een steenworp van het museum, wat het allemaal nog aantrekkelijker maakte. En omdat de vraag vanuit het museum kwam, kregen we alle noodzakelijk informatie en hulp.”

Dat je dan wegens de nog lopende renovatie naar de opslagplaats van die werken kan gaan, maakt het alleen maar spannender.

“Absoluut. Ze trekken dan een rek open waarin die kunstwerken uit hun kader zitten. Naakt en bijzonder kwetsbaar. Andere werken hebben we kunnen zien tijdens een restauratiebeurt en sommige zijn dan weer uitgeleend. Van de overheid kregen we een subsidie die ons toeliet om naar Berlijn of Londen te reizen. Een deel van dat geld hebben we ook gebruikt voor de hoes en het begeleidende boekje in de cd of vinylplaat. De schilderijen, achterliggende info, liedjesteksten, inzichten in het schrijfproces… Het mocht een kunstwerkje op zich worden. De materie leent er zich nu eenmaal perfect voor.”

Het verhaal achter het kunstwerk heeft een zeer bepalende rol gehad, niet?

“Een schilderij zit gevangen in een kader en kan je niet herschilderen. Het origineel telt. Binnen de muziek ligt dat anders. Er zijn miljoenen covers van bekende songs die op eigen benen kunnen staan. Als we het vertalen naar muziek bevrijden we als het ware het schilderij uit zijn kader. Je kan dan de indruk die het schilderij op je maakt naar muziek vertalen. Maar je kan ook zoeken naar het leven van de schilder, de opdrachtgever van een doek, de tijdsgeest… Allemaal verschillende invalshoeken.”

Laten we beginnen met ‘Madonna omringd door serafijnen en cherubijnen’ (1454-1456) van Jean Fouquet dat als songtitel ‘Maria’ kreeg. Een topstuk met een bleke maar beeldschone, erotiserende madonna.

“Dat schilderij en het verhaal erachter spraken meteen tot onze verbeelding. Het is oorspronkelijk een tweeluik dat tijdelijk in Berlijn herenigd werd. De opdrachtgever, Etienne Chevalier, was de schatbewaarder van de Franse koning Karel VII. Hij laat zichzelf portretteren terwijl hij de heilige maagd aanroept om te bidden voor zijn overleden echtgenote. Toen ik goed keek naar dat schilderij viel het me op dat die Etienne er echt zeer ‘mottig’ opstaat. Een foute gast en Fouquet moet dat ook gedacht hebben. Bovendien heeft de madonna het uiterlijk van Agnès Sorel, de overleden maîtresse van de koning. Karel moet toch vreemd hebben opgekeken om daar een schatbewaarder te zien die zijn maîtresse aanbidt. Volgens mij heeft Fouquet die Chevalier eens goed te kakken gezet. We dachten dan ook: stel dat Chevalier ons zou vragen om een lied te schrijven van hem voor Maria, dan moeten we een tekst schrijven waarin hij er goed uitkomt, maar wij als tekstschrijvers nog veel beter. (lachend) Subtiel maar dodelijk…”

Er smeken nog twee heilige vrouwen om aandacht.

“Het nummer ‘Maak mie nie af’ over de ‘Heilige Barbara van Nicodemië’ (1437) van Jan van Eyck verwijst naar een schilderij dat nog niet af is. Het staat half in de doodverf. Je ziet de heilige Barbara die zich tot het katholieke geloof bekeerde en door haar vader werd opgesloten in een toren. Hij heeft haar uiteindelijk ook vermoord. Niemand weet echt waarom dit minuscule pareltje nooit verder ingekleurd werd. Of was net de bedoeling? ‘Verheven’ is een ode aan de aardse vrouw die Maria ook is en met de ‘Heilige Maria Magdalena’ (1514–1524) van Quinten Massijs als bron. We hadden het idee om de tekst ‘Ge zijt verheven boven alle vrouwen’ te gebruiken en dit schilderij gaf ons een mooi excuus.”

Clara Peeters (1594-1657) die jullie met ‘Stilleven met vis’ tot de song ‘Vis in verzip’ bracht, ken ik niet.

“Ik ook niet, maar het is een fascinerend werk. En eindelijk ook een vrouw die technisch bijzonder sterk was. De uitdaging was om van een stilleven een song te maken. We zijn tot een soort cryptische Van Ostaijen-tekst gekomen. Het beeld van een dode vis op een vergiet! Kan het nog droeviger? Zelfs wanneer je er water overgiet, druppelt het er meteen af.”

Bij ‘Levensgevaarlijk gewond’ voel je als het ware de pijn van ‘Christus aan het kruis, de lanssteek’ (1619) van Anthony van Dyck.

“Een zeer sterk en wreed beeld. De hulpeloos kijkende omstaanders terwijl Christus de laatste dodelijke steek krijgt. Maar ook ‘Nie lijk oes’, gebaseerd op ‘Zelfportret met zwarte ooglap’ (1915) van Rik Wouters, verhaalt een ongekende tragiek. Wouters die de mooiste kleding kocht voor zijn muze om haar zo sprekend mogelijk te kunnen schilderen terwijl de kanker aan zijn oog het leven uit hem wegzoog. En zelf heeft hij nooit iets verdiend.”

Naast ‘Meesters’ breng je midden januari ook nog de ep ‘Dit is de bedoeling’ uit.

“Dat is een project met Broeder Dieleman en cellist Frans Grapperhaus. Tonnie zingt in het Zeeuws-Vlaams en ik ondersteun in het West-Vlaams en Frans. Zeer uitgepuurd en ook hier een zoektocht naar beeldrijke verhalen, want we hebben allebei meer gemeen dan je op het eerste gezicht zou denken.”

Dirk Fryns

‘Concert op de museumwerf’ – KMSKA, vr. 11, za. 12 jan. (uitverkocht) om 20u00 – zo. 13 om 15u00. www.hetnieuwemuseum.be

Wannes Cappelle, Broeder Dieleman, Frans Grappenhaus – première 2 februari AB, Brussel – daarna tot einde maart