Treinen reden vorig jaar een derde minder door rood licht

Treinen reden vorig jaar een derde minder door rood licht
Belga / B. Doppagne

Het aantal treinen dat voorbij een rood sein reed, is vorig jaar fors gedaald. Er waren op de hoofdsporen in België nog 59 seinvoorbijrijdingen, tegenover 85 in 2019. Dat meldde spoornetbeheerder Infrabel. Eén keer leidde dat tot een ongeval, begin februari in de haven van Antwerpen.

Volgens Infrabel-woordvoerder Frédéric Petit gaat het om een structurele verbetering, want het totale aantal treinbewegingen op de hoofdsporen – zowat 1,5 miljoen of 3.700 reizigerstreinen en 500 goederentreinen per dag – bleef volgens hem ongeveer status quo. “Maar we blijven dit opvolgen, want veiligheid vormt de prioriteit”, klinkt het.

Het is de derde keer in tien jaar dat het aantal treinen dat door het rood rijdt, onder de 60 ligt. Het laagtepunt lag in 2017, met 55 seinvoorbijrijdingen.

“Rood licht eerste gevaarlijk punt”

Niet elke keer dat een trein voorbij een rood sein rijdt, ontstaat er meteen een gevaarlijke situatie. Een risico is er pas als de trein ook voorbij het “eerste potentieel gevaarlijk punt” gaat. Meestal is dat een kruising met een ander spoor. Dat gebeurt grosso modo een op de drie keer.

Vorig jaar vond er één ongeval plaats ten gevolge van een seinvoorbijrijding. Begin februari ontspoorde in de Antwerpse haven een trein (bestaande uit twee locomotieven), waarna hij zijdelings tegen een goederentrein botste. Een treinbestuurder raakte daarbij lichtgewond.

Belang ‘cruisecontrol’ bewezen

“Een van de belangrijkste conclusies uit de analyse van de seinvoorbijrijdingen is voor ons het belang van het Europese veiligheidssysteem ETCS, een soort cruisecontrol voor treinen”, stelt de Infrabel-woordvoerder. Dat systeem controleert op elk moment de rit en grijpt in wanneer een trein te snel rijdt of de seinen niet gerespecteerd worden.

Momenteel is 29% van de hoofdsporen uitgerust met ETCS. Tegen eind dit jaar zou dat 39% moeten zijn, en tegen eind 2025 het volledige spoornet. Niet alleen de sporen, maar ook de treinen die erop rijden moeten overigens het veiligheidssysteem aan boord hebben. Ook op de bijsporen daalde het aantal seinvoorbijrijdingen, van 72 in 2019 naar 55 in 2020.