MOVIES. ‘Nuestras Madres’, de Belgische Oscar-inzending: “In België heb ik gemoedsrust gevonden”

MOVIES. 'Nuestras Madres', de Belgische Oscar-inzending:
Foto Pyramide Distribution

‘Nuestras Madres’ speelt zich af in Guatemala, maar het is wel degelijk een Belgische film. Regisseur César Diaz werd geboren aan de andere kant van de Atlantische Oceaan en woont al 20 jaar in Brussel. Hij liet zich inspireren door zijn eigen ervaringen om terug te blikken op de dramatische dictatuur in zijn land. ‘Nuestras madres’ werd op applaus onthaald in Cannes en is nu ook de Belgische inzending voor de Oscars. We duimen voor hem.

Hoe belandt een jongen uit Guatemala in België?

César Diaz: “Een deel van mijn familie is Belgisch. Mijn vader is verdwenen in Guatemala. Mijn moeder, een activist, moest al snel naar Mexico vluchten. Ik ben haar nagereisd en ik heb er gewoond tot ik een jaar of 17 was. Toen ik een school zocht om verder te studeren, heeft mijn Belgische familie me voorgesteld om naar hier te komen. En dat heb ik in 1999 gedaan.”

Wat was je eerste indruk toen je in Europa arriveerde?

“Ik herinner me dat het hier eigenaardig rook. En dat het zo rustig was. In Guatemala en Mexico en Latijns-Amerika in het algemeen brengt de realiteit je al snel van je stuk. Het leven is er hard en fel en je moet voortdurend keuzes maken. In België heb ik een diepe rust gevonden, en dat heeft me bijzonder veel deugd gedaan.”

‘Nuestras madres’ heeft het over een jongeman die op zoek gaat naar zijn verdwenen vader. Je bent uitgegaan van je eigen ervaringen. Hoe voeg je fictie toe aan een verhaal dat eigenlijk heel persoonlijk is?

“Via fictie kan je afstand nemen. Om een wereld en conflicten te creëren heb je fictie nodig. De personages in mijn film moesten verschillen van mezelf. Anders zou ik enkel mezelf aan het woord laten. Daarvoor ga ik beter naar een psycholoog, want dat is een stuk goedkoper!” (lacht)

Hoe ben je te werk gegaan om de wereld van de film te scheppen?

“Ik had zin om de relatie tussen moeder en zoon te verkennen. De eerste scène die ik geschreven heb, is die aan het einde op het strand. Eigenlijk is de hele film gebouwd om daar uit te komen. Hoe zullen die twee personages met elkaar kunnen praten? Dat was mijn uitgangspunt voor de rest van de film.”

Is ‘Nuestras Madres’ alleen maar fictie?

“Nee. De scène waar de oude vrouwen vertellen wat ze meegemaakt hebben (tijdens de dictatuur, nvdr), bestaat uit verhalen die echt gebeurd zijn.”

Je hebt ook al documentaires op je cv.

“Dat klopt. Iemand zei me onlangs ‘Ha, je hebt eindelijk een echte film gemaakt!’ Maar documentaires zijn evengoed cinema.”

Waarom heb je ‘Nuestras Madres’ (‘Onze moeders’, nvdr) gekozen als titel?

“Omdat onze moeders er altijd staan. Zij zijn het die gerechtigheid eisen, die op zoek gaan naar wie verdwenen is, die het sociale weefsel bouwen. Finaal ontwikkelt het personage van Ernesto zelf ook die openheid, door met zijn moeder te praten. Ik hoop dat we beetje bij beetje komaf maken met bepaalde interpretaties van mannelijkheid. Het is mijn ervaring dat de vrouwen deze wereld beschermen, van de vrouwen die vluchtelingen te eten geven tot de jonge meisjes die strijden voor het klimaat.”

We kennen de Moeders van het Meiplein die het opnemen voor de slachtoffers van de dictatuur in Argentinië. We volgen ook wat er gebeurt in Chili. Hoe komt het dat we in Europa veel minder afweten van de 250.000 doden in Guatemala?

“Ik vermoed dat het helaas komt omdat ze Indianen waren. In Argentinië en Chili hebben blanken en halfbloeden het nog voor het zeggen. Sorry dat ik zo kort door de bocht ga, maar zodra een dode minder waard is dan een andere is er racisme in het spel. De vraag is niet welke tragedie erger was maar waarom we met zulke ogen naar de wereld kijken. Waarom maken de Indianen van Guatemala geen deel uit van de collectieve verbeelding? Ze zijn ergens anders, en het kan ons niets schelen.”

Elli Mastorou / @cafesoluble