Vier op de vijf 14- en 15-jarigen krijgt zakgeld

Belga / N. Maeterlinck

Exact 80% van de Belgische 14- en 15-jarigen krijgt zakgeld van de ouders. Dat blijkt uit de resultaten van een bevraging in opdracht van Argenta. Opvallend is dat ook peuters al wat financiële steun ontvangen.

Vier op de vijf jongeren tussen 14 en 15 jaar oud krijgt elke week zakgeld toegestopt van de ouders. Dat leert een enquête van verzekeraar Argenta. Het mediaanbedrag dat deze leeftijdsgroep krijgt, is 10 euro per week, een forse sprong tegenover de 12- en 13-jarigen. Daar is het mediaanbedrag nog 6 euro. Voor 16- en 17-jarigen is dat 15 euro, voor 18- en 19-jarigen is dat 20 euro. Het aandeel van jongeren die zakgeld krijgt, blijft wel stabiel bij jongeren vanaf 14 jaar: het blijft schommelen rond vier op de vijf.

Sparen gebeurt apart

Vanaf 14 à 15 jaar heeft ook vier op de vijf een eigen zichtrekening, en drie kwart heeft een eigen debetkaart. Het zakgeld dient vooral voor kleine extraatjes, en niet zozeer om te sparen. Dat laatste doen veel ouders via een spaarrekening voor hun kinderen.

Bij de 8- en 9-jarigen krijgt net niet de helft (46%) zakgeld, bij 12- en 13-jarigen is dat al opgelopen tot 69%. Het is niet ongebruikelijk dat ook erg jonge kinderen al zakgeld krijgen. Bij 2- en 3-jarigen is dat 15%, bij 4- en 5-jarigen 22%.

Bij jongeren ouder dan 18 valt een verschil op tussen kotstudenten en andere jongeren: die eersten krijgen gemiddeld 28 euro, de tweeden 14 euro per week. Voor het onderzoek werden 621 ouders van kinderen tussen de 2 en 19 bevraagd en 384 jongeren.