“Bedrijfsleiding riskeert gevangenisstraf na dodelijke legionella-uitbraak”

Indien een rechtbank zou oordelen dat papierfabrikant Stora Enso uit Gent verantwoordelijk is voor de dodelijke legionella-uitbraak, riskeert de bedrijfsleiding effectieve celstraffen. Dat zegt jurist Tom Vander Beken van de Universiteit Gent. Behalve voor mogelijke overtredingen op de milieuwetgeving kan een rechtbank het bedrijf en zijn directie ook veroordelen voor onopzettelijke dood en onopzettelijke slagen en verwondingen. Het bedrijf dat eind april en begin mei verantwoordelijk was voor hoge dosissen van legionellabacterie in een van zijn koeltorens, is vermoedelijk Stora Enso, een papier- en kartonfabrikant uit Gent, aan de grens met Evergem. Omdat laboresultaten de link tussen de besmette koeltoren en minstens vijf slachtoffers met wetenschappelijk DNA-onderzoek hebben aangetoond, zal het bedrijf zich zo goed als zeker voor de rechtbank moeten verantwoorden.

Indien de oorzaak ligt bij een ontoereikend onderhoud van de bewuste koeltoren, zal de bedrijfsleiding zich moeten verantwoorden voor inbreuken op de milieuwetgeving. Maar ook indien er geen sprake is van inbreuken op de milieuwetgeving, kan het bedrijf aansprakelijk worden gesteld.

“Elk gebrek aan voorzichtigheid of voorzorg, hoe licht ook en los van een eventuele overtreding van een specifieke regel, is een fout die aanleiding kan geven tot strafrechtelijke vervolging”, zegt Vander Beken. In dat geval kan zowel het bedrijf (de rechtspersoon), als de directie (de natuurlijke persoon) aansprakelijk worden gesteld. Wie onopzettelijk iemands dood veroorzaakt, wordt gestraft met gevangenisstraffen van drie maanden tot twee jaar en met een geldboete. Op onopzettelijke slagen en verwondingen staan acht tot zes maanden gevangenisstraf.

Bovendien kunnen slachtoffers ook een schadevergoeding vragen wanneer de misdrijven bewezen worden. “Zeer grote schadevergoedingen (zoals we in de VS kennen) zijn dit in de regel niet”, zegt Vander Beken. “Het principe is dat de werkelijke schade wordt vergoed. Dit kan materiële schade zijn, zoals ziekenhuiskosten of loonverlies, en morele schade, zoals het verlies van een partner.”

De schadeberekening verloopt zoals in andere zaken als verkeersongevallen.

bron: Belga