“Pesticiden zijn eerder regel dan uitzondering in Europa”

AFP / D. Lima

In meer dan 80% van de Europese landbouwgrond zijn een of meerdere pesticiden aangetroffen. Dat blijkt uit een onderzoek van de Wageningen University, gepubliceerd in het wetenschappelijk magazine Science of the Total Environment.

Het onderzoeksteam analyseerde stalen uit de bovenlaag van 317 landbouwgronden in elf Europese landen: Portugal, het Verenigd Koninkrijk, Denemarken, Italië, Griekenland, Spanje, Hongarije, Polen, Nederland, Frankrijk en Duitsland. Die landen hebben het hoogste aantal landbouwgronden en gebruiken het hoogste aantal pesticiden.

Verschillende pesticiden 



In de stalen werden overblijfselen van 43 verschillende pesticiden gevonden. Soms ging het om de originele, actieve vorm, soms om de vorm van metabolieten. Dat zijn organische tussen- of eindproducten die ontstaan na verwerking van de stoffen. Zo’n 8% van de stalen bevatte overblijfselen van verschillende pesticiden, bij sommige zelfs 13 verschillende stoffen. Bij 25% van de stalen werd één type pesticide aangetroffen. In totaal werden 150 verschillende samenstellingen vastgesteld.

Verboden stoffen 

De meest voorkomende pesticiden waren glyfosaat en zijn chemische verbinding aminomethylfosfoonzuur (AMPA) – al decennia verboden in Europa – en de chemische bestrijdingsmiddelen boscalid, epoxiconazool en tebuconazool. “Aangezien we resten van meer dan één bestrijdingsmiddel vonden in 58% van de stalen, kan worden gesteld dat de aanwezigheid van meerdere pesticiden in de bodem eerder de regel is dan de uitzondering”, verklaart professor Violette Geissen van de onderzoeksgroep Soil Physics and Land Management. Het onderzoeksteam pleit voor een Europese wetgeving rond de drempels en kwaliteitsnormen voor pesticiden in de bodem.