SDG: Wat is er nodig voor duurzame ontwikkeling?

AFP / B. Smialowski

De internationale gemeenschap wil tegen 2030 zeventien duurzame doelstellingen bereiken. Nummer zeventien somt de domeinen en sectoren op die dat mogelijk moeten maken.

De ontwikkelingshulp rondde in 2014 de kaap van 135 miljard dollar. Een recordbedrag, maar niet genoeg om armoede uit de wereld te helpen en de economie te lanceren van landen die dat nodig hebben. Volgens de VN kan de situatie alleen verbeteren met bijkomende financiële middelen. «Met name in ontwikkelingslanden zijn er directe buitenlandse investeringen nodig in sleutelsectoren zoals duurzame energie, infrastructuur en transport, en informatie- en communicatietechnologie», zegt de VN.

Toegang verzekeren



Die privéfondsen moeten de toegang tot wetenschap, technologie en innovatie bevorderen, maar ook de ontwikkeling, overdracht en verspreiding van milieuvriendelijke technologieën. Tot slot moeten ze het mogelijk maken om infrastructuur en transportnetwerken te creëren, duurzame energieën te veralgemenen en gezondheids- en onderwijssystemen te ondersteunen.

Lidstaten moeten anticiperen

Maar die oproep aan de privésector ontslaat de lidstaten natuurlijk niet van hun verantwoordelijkheden. Integendeel. Ze moeten actieplannen, een effectief fiscaal beleid en aangepaste wetten ontwikkelen. Daarvoor hebben ze doeltreffende instellingen nodig, en een administratie die in staat is om resultaten te boeken.

«Iedereen moet bijdragen aan het verwezenlijken van de SDG’s in Afrika»

Foto R.V.

Er zijn serieus wat middelen nodig om alle duurzame ontwikkelingsdoelstellingen te verwezenlijken tegen 2030. «Iedereen moet aan tafel gaan zitten en samenwerken», zegt Jean-Yves Saliez, coördinator van de partnerschappen bij Enabel, het Belgisch ontwikkelingsagentschap.

Wat betekent deze SDG 17 voor een ontwikkelingsagentschap?

«De behoeften om de SDG’s te realiseren, zijn enorm. Zowel op het vlak van financiering als van beschikbare competenties. We moeten alle mogelijke sectoren mobiliseren en laten samenwerken. Daarvoor hebben we het geld en de ervaring van de privésector nodig. Op zoek gaan naar nieuwe middelen bij alle actoren maakt deel uit van de missie van ons agentschap. We hebben met andere woorden meer partnerships nodig.»

In hoeverre kan de privésector zijn steentje bijdragen om de SDG’s te verwezenlijken?

«Ik neem de verzekeringssector als voorbeeld. Een kleine boer in Afrika die een lening wil om zijn boerderij te verbeteren, heeft een inkomensgarantie nodig. De verzekeringssector is nauwelijks ontwikkeld in Afrika. Een samenwerking tussen een ontwikkelingsagentschap, dat veel ervaring heeft met het werken in fragiele contexten, en een privéverzekeraar is in dit geval heel nuttig. Het is maar één voorbeeld van hoe een ontwikkelingsagentschap de privésector kan betrekken bij het realiseren van de SDG’s.»

SDG 17 vraagt ook dat we de krachten bundelen om nieuwe technologieën te ontwikkelen.

«De digitale wereld kan veel beteken voor de ontwikkeling. Er zijn al toepassingen die hun nut op kleine schaal bewezen hebben voor het verwezenlijken van de SDG’s in Afrika. Daarom lanceren we nu ‘Wehubit’, een vijfjarig programma om digitale initiatieven in Afrika te ondersteunen. Afrika is een creatief continent op dat vlak. Het oude Europa behoort misschien niet tot de top, maar kan die innovaties wel helpen floreren. Ook dat is een voorbeeld van de meerwaarde van partnerships. Deze algemene trend is zeer bemoedigend.»