“Compromis vinden over hervorming Dublin-regels wordt zeer moeilijk”

Compromis vinden over hervorming Dublin-regels wordt zeer moeilijk
Compromis vinden over hervorming Dublin-regels wordt zeer moeilijk

De Europese ministers die bevoegd zijn voor asielzaken proberen vandaag nog maar eens een doorbraak te forceren over de hervorming van de asiel- en opvangregels die in de Europese Unie gelden. Centraal staat een aanpassing van de Dublin-verordening, die bepaalt welke lidstaat verantwoordelijk is voor de afhandeling van een asielaanvraag. “Maar een compromis vinden zal zeer moeilijk worden”, zei staatssecretaris Theo Francken voor aanvang van de vergadering. De Dublin-verordening zoals die nu bestaat, bepaalt dat de EU-lidstaat waar iemand asiel aanvraagt, die asielaanvraag moet afhandelen. De asielcrisis die in 2015 losbarstte, toonde echter aan dat er aan die regel van alles schort. Zo zijn het de landen aan de Europese buitengrens (Griekenland, Italië, Malta…) die met het gros van de asielaanvragen worden opgezadeld, terwijl het systeem migranten ertoe kan aanzetten asiel aan te vragen in hun land van voorkeur of het land waar de asiel- of de opvangprocedure hen het voordeligst lijkt.

In 2016 stelde de Europese Commissie voor om ‘Dublin’ aan te passen. In het geval van een crisis, wil ze asielzoekers via een vaste verdeelsleutel over de verschillende EU-lidstaten spreiden.



Na twee jaar en verschillende aanpassingen aan de originele tekst van de Commissie, lijkt een compromis in de Raad nog veraf. De Visegrad-landen Hongarije, Polen, Slovakije en Tsjechië blijven tegen het spreidingsplan gekant, het feit dat in Italië een regering aan de macht is gekomen met uitgesproken anti-migratiestandpunten dreigt de hele zaak nog te bemoeilijken. Het doel blijft om een evenwicht te vinden tussen solidariteit en verantwoordelijkheid, maar dat lijkt makkelijker gezegd dan gedaan.

“Het zal niet evident zijn, maar België is tot een compromis bereid”, zegt Theo Francken. “Maar, zoals ik altijd zeg: Europa is een huis. We discussiëren nu al drie jaar over wie in welke kamer mag slapen, maar wat we volgens mij vooral moeten te weten komen, is wie langs de voor- en de achterdeur naar binnen komt.” Volgens Francken focust het debat “niet op de essentiële zaken”.

Bron: Belga