New Yorkers mogen weer dansen in bars

New Yorkers mogen weer dansen in bars
Unsplash / A. Lumi

Raar maar waar: tot voor kort was er een wet die het dansen in bars en cafés in New York verbood. Nu heeft de stad die maatregel afgeschaft.

Het voorstel om de controversiële wet uit 1926 af te schaffen kreeg eind oktober groen licht van de gemeenteraad. Burgemeester Bill de Blasio maakte de afschaffing concreet door de wet maandagavond in te trekken. “We leven in 2017 en deze wet houdt niet langer steek. Het nachtleven maakt deel uit van de New Yorkse cultuur”, aldus de burgemeester. “We willen een stad zijn waar mensen hard werken en dan kunnen genieten van het nachtleven zonder een obscuur verbod op dansen”, voegde hij er nog aan toe.



Tot voor kort stond in de ‘cabaretwet’ dat horecazaken een speciale vergunning moesten hebben vooraleer hun klanten een danspasje mochten wagen. Het probleem: die vergunning was bijna onmogelijk te verkrijgen. Etablissementen die niet over zo’n vergunning beschikten, riskeerden een boete en het intrekken van hun drankvergunning, wat voor velen synoniem staat met een faillissement. Van de meer dan 22.000 bars, restaurants en discotheken die de metropool rijk is zijn er minder dan 100 zaken waar volgens de oude wet officieel gedanst mag worden.

Censuur

Toen de regelgeving in de jaren twintig, tijdens de drooglegging, werd aangenomen, was het de bedoeling om paal en perk te stellen aan de illegale alcoholconsumptie. In de decennia daarop werd de wet echter gretig gebruikt om nog andere vormen van censuur door te duwen.

Tot de jaren vijftig beriepen ordehandhavers zich op het dansverbod om jazzcafés in Harlem te sluiten en zo te vermijden dat zwarten en blanken dezelfde plaatsen zouden frequenteren, en in de jaren zeventig en tachtig werden specifiek homobars geviseerd. De conservatieve ex-burgemeester Rudy Giuliani bediende zich tot slot in de jaren negentig van de wet om het bruisende nachtleven van de “stad die nooit slaapt” onder controle te houden.