Tom Duquesnoy: "De lokroep van het geldzal MMA doen ontploffen"

Tom Duquesnoy, wonderkind van de Franse MMA en actief in de UFC, heeft misschien een engelengezicht, maar van zodra hij in de ring stapt ontbindt hij al zijn duivels. Op zijn 24ste ontkracht deze buitengewone en mature vechter alle clichés van een sport die nog altijd een slecht imago meetorst in zijn vaderland. Metro sprak met de ‘Fire Kid’ over zijn parcours en zijn toekomst.

Kan je even je parcours samenvatten voor wie je niet kent?

“Ik ben begonnen met sambo toen ik 12 was. Mijn vader schreef me in om me te leren om mezelf te verdedigen, maar vooral omwille van de waarden van de sport. Tot mijn 18de beoefende ik met veel overgave allerlei vechtsporten zoals boksen, Muay Thai, worstelen… Van zodra ik mijn middelbaar diploma op zak had – een absolute voorwaarde om in de MMA aan de bak te mogen – trok ik naar Parijs voor één jaar, “verlengbaar naargelang de resultaten”.



Ik groeide snel uit tot de beste Franse belofte en won meerdere titels. Dat was het begin van mijn internationale profcarrière. Op mijn 19de kreeg ik een voorstel van de UFC, maar dat heb ik pas op mijn 23ste aanvaard. Kwestie van zo klaar mogelijk te zijn. Mijn eerste UFC-match in april won ik direct met KO. Mijn tweede kamp heb ik eerder deze maand verloren.”

België is meer open-minded dan Frankrijk

Hoe ziet de dag van een topvechter eruit?

“Dat is voor elke vechter anders. Ik train twee keer per dag en volg een aangepast dieet. Ik doe ook dutjes tussen twee sessies. Rust is heel belangrijk. Ik heb kalme fases en concentratie nodig om al mijn energie tijdens de trainingen te kanaliseren. Ik moet bovendien tijd uittrekken om mijn carrière te managen: interviews, business, sponsoring, social media, afspraken met mijn manager… Ik ben ook mijn eerste boek over MMA aan het schrijven. Hopelijk is het tegen december klaar.”

Waarom outsource je sommige van die taken niet gewoon?

“Ik zit in een positie waarin ik wil dat al die domeinen ontploffen. Ik zal inderdaad moeten outsourcen, maar niet aan gelijk wie. Ik wil eerst alles zelf goed leren kennen. Ook al vreet dat momenteel energie, ik zal er later de vruchten van plukken. Ik beoefen een sport waarin je niet op pensioen gaat. Ik moet nu cashen en mijn post-carrière plannen.”

Je hebt ook vrij ongewone hobby’s voor een vechter…

“Iedereen heeft zijn eigen manier om te relaxen. De meeste vechters ontspannen zich na de training door te gaan feesten, iets te gaan drinken, op de versiertoer te gaan… Dat interesseert me allemaal niet. Ik ben bezig met het beheer van mijn carrière, met fotografie (hij is ook model, red.), met het schrijven van mijn boek. Ik ga naar de opera en volg toneelles. Misschien maakt dat me een vreemde vogel, maar ik werk hard en ben er zeker van dat die hardnekkigheid zal lonen. Het beste moet nog komen.”

Wat vind je van de populariteit van je sport in België, tegenover in Frankrijk, dat nog altijd wedstrijden verbiedt?

“In België is er alleen een gebrek aan middelen. Het is nu eenmaal een klein landje. Maar de Belgische mentaliteit is veel meer open-minded dan in Frankrijk. Hier worden minder vragen gesteld. Er is ook veel minder vijandig gelobby tegen de discipline. In België heerst meer een sfeer van ‘sport en passie’, à la Pierre de Coubertin. Frankrijk is een krabbenmand waar iedereen het grootste deel wilt. MMA is nog niet eens gelegaliseerd en er zijn al vijf verschillende federaties.”

Je zei onlangs dat je wil werken met één enkele federatie om het MMA in Frankrijk te ontwikkelen. Zou je dat businessgericht doen, op zijn Amerikaans?

“Ja. Maak je geen illusies. MMA zal er komen omdat het een business is waar veel geld te verdienen valt. Jammer genoeg is de filosofie van de sport niet de grootste troef om haar te legaliseren. Soit, we blijven rustig wachten en intussen de mooie waarden van de sport promoten. Maar het imago van MMA is aan het veranderen. In positieve zin. Het is nu aan ons, de vechters en atleten, om de ‘andere’ kant van deze discipline te laten zien.”

Gaëtan Gras