Binnen de maand antwoord op jeugdhulpvraag

Binnen de maand antwoord op jeugdhulpvraag

Het Agentschap Jongerenwelzijn heeft een oproep gelanceerd om de jeugdhulp die voor iedereen toegankelijk is te versterken. Die uitbreiding moet het aanbod in Vlaanderen laagdrempeliger en sneller inzetbaar maken. Afspraken in regionale samenwerkingsverbanden moeten ervoor zorgen dat vragen naar jeugdhulp binnen de maand beantwoord worden. De uitbreiding gaat gepaard met een bijkomende financiële injectie van 15 miljoen euro. Vlaams minister van Welzijn Jo Vandeurzen maakte vorige maand al bekend dat hij 25 miljoen euro extra zou vrijmaken voor de jeugdhulp. De grootste hap daarvan, 15 miljoen euro (7 miljoen in 2018 en 8 miljoen in 2019), zal gaan naar het aanbod dat voor iedereen rechtstreeks toegankelijk is. Dat gaat dan bijvoorbeeld om de Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB’s), de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG’s) en de Centra voor Kinderzorg en Gezinsondersteuning (CKG’s).

Bedoeling is om het rechtstreeks toegankelijk aanbod toegankelijker en sneller inzetbaar te maken. Ook dat aanbod staat namelijk onder druk. Het is zelfs de ambitie om elke vraag naar jeugdhulp binnen de maand te beantwoorden. Eén maand is de “richtsnoertermijn”. Het moet daarbij voor de hulpvrager minstens duidelijk zijn wie wanneer welke hulp zal opstarten. En als die hulp toch niet snel kan opgestart worden, moet de wachttijd overbrugd worden door “flexibele, vraaggerichte en innovatieve methodieken”.



Om die ambitie te bereiken, mikt de oproep op regionale samenwerkingsverbanden. In die samenwerkingsverbanden werken verschillende diensten (bv. CLB’s, Huizen van het Kind, OCMW’s, CKG’s) samen. Daarbij is er telkens één partner, de ‘kernpartner’, die het voortouw neemt. Het is wel de bedoeling dat de samenwerkingsverbanden een bepaalde schaalgrootte hebben. Er is sprake van een gebied met zo’n 200.000 tot 250.000 inwoners. De samenwerkingsverbanden zouden jaarlijks minstens 200 gezinnen begeleiden.

De oproep mikt op 15 samenwerkingsverbanden, gespreid over heel Vlaanderen: 4 in Antwerpen, 3 in Oost-Vlaanderen, West-Vlaanderen en Vlaams-Brabant/Brussel en 2 in Limburg. Elk ingediend dossier kan voorstellen bevatten tussen 0,7 en 1 miljoen euro. Bedoeling is dat de samenwerkingsverbanden kunnen starten op 1 april 2018. Meer informatie over de procedure is terug te vinden op http://wvg.vlaanderen.be/jongerenwelzijn/nieuws/2017/7/24/oproep/.

bron: Belga