Belgische delegatieleider ontleedt “historisch” klimaatakkoord

20151123 - BRUSSELS, BELGIUM: Climate expert Peter Wittoeck pictured during a press briefing ahead of international climate conference in Paris (COP21), in Brussels, Monday 23 November 2015. COP21 conference will be held in PAris from 30 November to 11 December. BELGA PHOTO ERIC LALMAND

De reacties op het ‘Paris Agreement’, het internationale akkoord dat werd bereikt op de klimaattop in Parijs, zijn overwegend positief. Ook Peter Wittoeck, leider van de Belgische delegatie, ziet de toekomst hoopvol tegemoet. «Niemand zal terugkrabbelen.»

Het ‘Paris Agreement’ wordt omschreven als een ‘historisch akkoord’. Terecht?



Peter Wittoeck: «Dat is zeker niet overdreven. In het verleden waren alle landen er ook, maar nu is het de eerste keer dat 187 landen doelstellingen hebben. Bij het Kyoto-protocol van 1997 ging het enkel over de industrielanden en bij het amendement richting 2020 haakten enkelen van hen zelfs af. Het huidige ‘Paris Agreement’ is ook goed verankerd in een internationale verdragstekst. Die moet nu geratificeerd worden door de nationale parlementen en zal op die manier bindend zijn.»

Iedereen verwijst naar het engagement om de opwarming onder 2 graden te houden.

«Dat is heel belangrijk. Vooral omdat er staat ‘well below’ twee graden Celsius en ‘to pursue efforts’ tot 1,5 graden. Op voorhand was ik tamelijk zeker dat die referentie naar 1,5 graden er zou komen, maar niet dat ze zo stevig zou zijn. Over die 1,5 graden komt ook nog een precies rapport van het wetenschappelijk IPCC-panel. Tegelijk is die 2 graden-bepaling niet het enige, en staat ze vrij ver weg van het beleid op nationaal niveau. Op dat vlak is de emissiedoelstelling op lange termijn bijvoorbeeld veel belangrijker.»

Gaat het akkoord ver genoeg?

«Daarover bestaan uiteraard verschillende opvattingen. Wat mij betreft, zijn er weinig punten van kritiek. Dit is een goed constitutioneel document voor de toekomst van het klimaat, en het begin van een nieuw soort klimaatregime op internationaal niveau. Een minpuntje is wel dat je soms wat ‘dieper’ moet lezen. Bijvoorbeeld op het vlak van de emissiedoelstelling hadden we meer precieze cijfers gewild, zoals in het IPCC-rapport. Nu is het meer beschrijvend. Dat we in de tweede helft van de eeuw naar nulemissies moeten gaan, moet je er bijvoorbeeld in lezen via de referentie naar ‘best available science’ van het wetenschappelijk IPCC-panel. Al is die link eigenlijk evident, en zou je dus al echt bewust verkeerd moeten lezen.»

Hoe zit het met de opvolging van alle beloftes ?

«Omdat sommige aanvankelijke plannen niet voldeden, is er een ambitiecyclus van vijf jaar. Dan moeten de landen hun updates geven over hoe het zit met het 2 graden-traject. Zo staat expliciet in het akkoord dat ze niet mogen terugkrabbelen. Alle landen hebben nu veel meer dezelfde verplichtingen, iedereen moet absolute doelstellingen formuleren op termijn. Ook de groeieconomieën, die met grote emissiestijgingen kampen, moeten op nationaal niveau met maatregelen komen. Wel is het nalevingsmechanisme meer facilitair geworden, in plaats van repressief.»

Volgens sommigen krijgen de arme en kwetsbare landen niet genoeg steun.

«Kijk, de doelstelling van de top in Kopenhagen om tegen 2020 per jaar 100 miljard dollar aan klimaatfinanciering bij elkaar te brengen, blijft behouden. Alleen was het voor sommige landen juridisch onmogelijk om zoiets in een verdrag te schrijven. Daarom staat het in een tekst die het akkoord begeleid, maar het blijft wel bindend.»

Ondertussen wordt de rol van Laurent Fabius, voorzitter van de klimaattop, benadrukt. Wat is zijn verdienste?

«De Fransen hebben het op een meesterlijke manier gedaan, door lessen te trekken uit de fouten die gemaakt zijn rond de top van 2009 in Kopenhagen. Fabius zelf heeft op voorhand ongeveer alle landen van de wereld afgereisd om contacten te leggen. En ook tijdens de top zelf was alles duidelijk en toegankelijk. Niemand werd uitgesloten en er werd niets opgedrongen.»

Toch was er vlak voor de definitieve goedkeuring nog onenigheid.

«Dat ging over één woord: in een eerdere tekst stond ‘shall’, wat zonder meer bindend is, terwijl in de uiteindelijke versie ‘should’ stond, wat technisch gezien minder bindend is. Het ging over het aspect dat de ontwikkelde landen de leiding zouden nemen. De Verenigde Staten – die overigens een heel constructieve rol hebben gespeeld – vonden dat onterecht. Daarom is het ‘should’ geworden, maar dat is eigenlijk niet erg.

Verder wilde Nicaragua nog een aantal punten inschrijven, omdat zij een van de armste en meest kwetsbare landen van Zuid-Amerika zijn. Binnen het ‘loss and damage’-systeem willen zij gecompenseerd kunnen worden voor schade door klimaatrampen waar niets meer aan te doen valt. Zij hebben zich niet formeel verzet tegen de aanname van het akkoord, maar waren wel de enigen die de consensus niet konden dragen. Wellicht zullen zij het akkoord dus niet ratificeren.»

Welke concrete gevolgen heeft dit nu voor België?

«Zoals bekend, moet de totale CO2-emissie binnen de EU tegen 2030 worden teruggebracht tot 40%. Die doelstelling moet eerst verdeeld worden. Er moet dus een plan komen voor de transitie naar een lagekoolstofeconomie, ook op nationaal niveau. Dat is een van de belangrijke aspecten. Om schokken voor de economie te vermijden, moeten we daar zo snel mogelijk mee beginnen. Zoals de Amerikaanse president Barack Obama aangeeft, zijn innovaties en investeringen in hernieuwbare energie daartoe cruciaal.»

Matthias Adriaensen