Klimaatverandering is schuld van rijke landen

Smoke rises from the cooling towers of the lignite-fired power plant operated by Vattenfall Europe Generation AG in Jaenschwalde, eastern Germany on August 25, 2014. AFP PHOTO / DPA / PATRICK PLEUL +++ GERMANY OUT

De rijkste 10% van de wereldbevolking is verantwoordelijk voor de helft van de CO2-uitstoot. Dat blijkt uit een rapport van Oxfam.

Vaak wordt aangenomen dat snel ontwikkelende landen als China de oorzaak zijn van een groot deel van de uitstoot van broeikasgassen. Volgens Oxfam ligt het overgrote deel van de verantwoordelijkheid echter wel degelijk bij de rijkste landen. De CO2-uitstoot stijgt weliswaar het snelst in ontwikkelingslanden, maar dat is vooral het gevolg van de productie van goederen die in andere landen geconsumeerd worden. Met andere woorden: een groot deel van de uitstoot in ontwikkelingslanden is het gevolg van de levensstijl van de inwoners van meer ontwikkelde landen.



De mensen die het minst schuldig zijn aan de klimaatverandering, zijn tegelijk degenen die het meest kwetsbaar zijn voor de gevolgen, zo betoogt Oxfam. De armste helft van de wereldbevolking neemt slechts 10% van de globale uitstoot voor haar rekening. Toch zijn vooral zij slachtoffer van catastrofale stormen, droogtes en andere weerrampen die aan klimaatverandering te wijten zijn. Iemand uit de rijkste 1% van de wereldbevolking produceert gemiddeld 175 keer zoveel CO2 als iemand uit de armste 10%, zo blijkt uit het rapport.

Ongelijkheid

«Klimaatverandering en economische ongelijkheid zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, en zijn samen een van de grootste uitdagingen in de 21ste eeuw», zegt Lies Craeynest van Oxfam. «Parijs moet werk maken van een economie op maat voor iedereen – niet alleen voor de haves, de rijkste en grootste vervuilers, maar ook voor de have-nots, de armste mensen die het minst schuldig zijn maar wel het meest kwetsbaar voor klimaatverandering.»

In Parijs is momenteel de COP21, de internationale klimaattop, aan de gang. Op het einde van de top zouden de wereldleiders een opvolger voor het Kyotoprotocol op zak moeten hebben.