«Dogma’s gooien we overboord»

In het oog van de Uplace-storm, treedt Ben Weyts (N-VA) naar voren om de Vlaamse regering te verdedigen. Ook de besparingen bij het openbaar vervoer vindt hij als mobiliteitsminister niet meer dan logisch. «Sommige zaken waren onverantwoord.»

Door Matthias Adriaensen



Door zijn overvolle agenda interviewen we Weyts in de wagen. Na een dag vergaderen brengt zijn chauffeur de minister vanuit Antwerpen terug naar Brussel, in volle avondspits. Meteen een stevige test voor de mobiliteit.

Terwijl de snelwegen steeds voller raken, snoeit u in het openbaar vervoer. Zo vreest De Lijn nu zelfs een besparing van 115 miljoen euro, dubbel zo veel als eerst gedacht.

Weyts : «Dat bedrag klopt niet. Maar het is wel zo dat De Lijn niet ontsnapt aan de besparingen binnen de Vlaamse regering. En laat ons wel wezen: het is hoog tijd dat ook daar eens bespaard wordt. Hun budget is geëxplodeerd van 300 miljoen euro in 1999 naar ruim 1 miljard vandaag. Ruim drie keer zo veel dus. Ik wou dat het aantal reizigers ook in die mate was gestegen, maar dat is lang niet het geval.»

En dus moeten we meer betalen voor minder openbaar vervoer ?

(onverstoorbaar) «Op sommige lijnen – bijvoorbeeld de zondagsdienst – moet de belastingbetaler 28 euro opleggen per reiziger. Zoiets kan je onmogelijk verantwoorden. Daarom hebben we besloten om sommige dogma’s overboord te gooien, bijvoorbeeld dat iedereen een halte moet hebben op maximum 750 meter van zijn of haar deur. We gaan voortaan uit van een vraaggestuurd aanbod. Zo wordt de capaciteit op de drukste lijnen in Antwerpen en Gent zelfs verdubbeld.»

Hoe moet het dan elders, waar sommige lijnen verdwijnen ?

«We mogen het platteland niet uit het oog verliezen. Maar daar moet het niet via de klassieke busdienst, waar nauwelijks mensen opzitten. Er is niets zo milieuonvriendelijk en onrechtvaardig als lege bussen laten rijden. Voor 28 euro belastinggeld per reiziger stuur je hen beter de taxi op, en dan nog maak je winst. Om maar te zeggen : De Lijn werkt aan alternatieven, waarbij ook de private sector en de gemeenten kunnen worden betrokken.»

En wat met de treinen ?

«Op het spoor moeten de Vlaamse prioriteiten doorgang krijgen. Ik heb daarover al herhaaldelijk overlegd, zowel met mijn federale collega Jacqueline Galant (MR) als met NMBS-topman Jo Cornu. Vlaanderen en De Lijn zullen zich het vervoersplan van de treinen niet langer laten opdringen. Zo gaan we voor het nieuwe plan – dat er binnen drie jaar komt – nu al aan tafel zitten om alles op elkaar af te stemmen.»

Intussen investeert u 55 miljoen euro in snelwegen, waardoor de indruk ontstaat dat u de wagen verkiest boven het openbaar vervoer.

«Nee, het is een en-en-verhaal. Maar de auto behoort nu eenmaal tot de realiteit. De meeste mensen hebben er een en zullen die blijven gebruiken.»

Die mobiliteit dreigt wel het slachtoffer te worden van een winkelcomplex als Uplace, net als de kleinhandel. Toch zette de Vlaamse regering het licht op groen.

(geïritteerd) «Moeten we dan elke economische ontwikkeling en de bijhorende jobcreatie in de kiem smoren omdat ze verkeer en fijn stof genereert ? Vanuit diezelfde logica zouden we blij moeten zijn dat Ford Genk werd gesloten.»

«Kijk, het Uplace-dossier is gepasseerd langs allerlei procedures en experten. En die zitten heus niet allemaal met Bart Verhaeghe in de loge van Club Brugge. Die vermeende partijdigheid is dus uit de lucht gegrepen. Zelf supporter ik trouwens voor Anderlecht.» (knipoogt)

«En wat de kleinhandel betreft: om aan hun bezorgdheden tegemoet te komen, verminderen we de oppervlakte met één derde. Ach, een partij als sp.a schreeuwt nu moord en brand, maar vergeet dat ze in de regering van 2009 nog heel enthousiast was.»

Anderzijds bestaat ook binnen de huidige meerderheid veel verdeeldheid over het dossier. Komt Uplace er sowieso ?

«Ik besef dat nieuwe gerechtelijke procedures dreigen. Vlaanderen lijdt niet alleen aan ‘reglementitis’, maar ook aan ‘proceduritis’. Maar als overheid is het onze verdomde plicht om dit project van economische ontwikkeling en jobs te verdedigen. Ik ga er dan ook vanuit dat iedereen zijn engagementen zal nakomen.»

Intussen heeft het dossier wel Oosterweel-allures.

«Het grote verschil is dat de tegenstanders bij Oosterweel alternatieven op tafel leggen om de Antwerpse mobiliteit aan te pakken. Bij Uplace is het de keuze tussen enerzijds economische ontwikkeling en 3.000 jobs, en anderzijds helemaal niets doen.»

In tijden van vasten is Dagen Zonder Vlees een ware hype. Doet u mee, als allereerste minister van Dierenwelzijn?

«Ik waardeer zo’n initiatieven, maar doe zelf niet mee. Daarvoor eet ik te graag vlees. Al probeer ik wel te minderen.»

Wat heeft u al gerealiseerd met die bevoegdheid?

«Ik heb dierenwelzijn voor het eerst op de politieke agenda gezet. Dat resulteerde in nieuwe maatregelen, bijvoorbeeld op het vlak van malafide puppy-import. Zo hebben we de minimumleeftijd opgetrokken van acht tot vijftien weken, zodat de jongen niet te snel worden weggehaald uit het nest.»

«Een ander dossier betreft het Offerfeest. Via tijdelijke slachtvloeren heeft ons land altijd de Europese regelgeving omzeild omtrent onverdoofd slachten. Ik weet dat verschillende gemeenten al geïnvesteerd hebben in zo’n vloer, maar ik weiger mee te doen aan onwettige praktijken. Daarom ben ik al een tijdje in gesprek met de moslimgemeenschap, maar dat houd ik liever discreet.»

Een uur na ons vertrek aan het station Antwerpen-Centraal zwaait de chauffeur het portier open aan Brussel-Centraal. Een minder scherpe chrono dan met de trein, al moeten we toegeven dat de ministeriële wagen zich relatief vlot door het verkeer kon begeven. Met een brede glimlach haast minister Weyts zich naar de volgende afspraak.

—————————————————————————————————————————————————-

«Internationale doorbraak voor Ijzeren Rijn»

Te midden van alle commotie rond Uplace heeft Vlaanderen een doorbraak gerealiseerd in een ander aanslepend dossier. Een internationaal akkoord werd bereikt om samen geld te pompen in een grootschalige studie naar de Ijzeren Rijn, de spoorlijn tussen Antwerpen en het Duitse Möngengladbach via Belgisch en Nederlands Limburg.

Wat werd er afgesproken?

«In een high-level werkgroep met de Duitse bondsstaat, de regio Nordrijn-Westfalen, Nederland en België hebben we ons gezamenlijk geëngageerd om een studie te bestellen naar de drie tracé’s die op tafel liggen. Alle betrokkenen – met ook mijn federale collega Jacqueline Galant (MR) en NMBS-topman Jo Cornu – willen dit historisch dossier uit het slop halen. Omdat Vlaanderen de leiding heeft, zal ik de studie uitbesteden en heb ik ze al aangemeld bij de Europese Commissie. Als we hun steun krijgen, kunnen we er een Europees verhaal van maken.»

Hoe groot is het belang van de Ijzeren Rijn?

«Voor de Antwerpse haven – en dus voor de hele Belgische economie en mobiliteit – is de ontsluiting van het Ruhrgebied levensbelangrijk. Omdat het vrachtverkeer tegen 2030 met 50<UN>% zal toenemen en er voor vrachtwagens kilometerheffingen komen op de snelwegen, moeten we alternatieven aanbieden. Het spoorverkeer speelt daarin een cruciale rol.»

Waarom spreekt u van een doorbraak?

«Zo’n studie is nog nooit gebeurd en laat ons toe om alles te objectiveren. Het is dus een opsteker dat iedereen daarin wil participeren. Daarbij is niet enkel het engagement, maar vooral ook de financiële input een belangrijk signaal. Dat alle betrokkenen er geld in steken, geeft aan dat het deze keer menens is. Zo’n internationaal akkoord is ongezien.» (ma)