NMBS maakt werk van internet op de trein

 Het is één van de grootste verzuchtingen van treinreizigers: wanneer komt er internet op de trein? De NMBS belooft dat er snel een oplossing komt en start volgend jaar met een test die wifi op de trein mogelijk maakt.

In Nederland, Frankrijk of Duitsland is internet op de trein dagelijkse kost. De reizigers halen er steevast hun tablet, laptop of smartphone boven en lezen hun mails op de trein. In België is dat moeilijker. Wifi is nog niet beschikbaar en vaak hapert het 3G-netwerk van zodra de trein begint te rijden.



«De vraag naar draadloos internet leeft zeker bij de treinreizigers en ze zouden het leuk vinden moest er gratis wifi zijn, maar het moet kwalitatief zijn en goed werken», legt NMBS woordvoerster Frieke Neyrinck uit aan Metro. En net daar wringt het schoentje. «Want in onze buurlanden is het niet allemaal rozengeur en maneschijn. De verbinding is daar soms te traag of het netwerk geraakt overbelast door zijn populariteit. Om geen half werk te leveren willen we daarom verschillende systemen eerst uitgebreid testen.»

Concreet start de NMBS nog voor de zomer van volgend jaar met een test die draadloos surfen in de trein mogelijk maakt. Wanneer en of het dan gaat om wifi of een versterkt 4G-signaal staat nog niet vast.

Het proefproject zal zo goed als zeker te kampen hebben met verschillende obstakels. Zo is de metalen constructie van een treinwagon nefast voor het draadloze signaal en is de dekking in België niet overal even goed, waardoor de sterkte van het netwerk vaak afzwakt.

Bovendien is de installatie van wifi in elk rijtuig een dure zaak en moet de NMBS rekening houden met gezondheidsrisico’s. «Het is dus belangrijk dat we tijdens die testperiode evalueren welk systeem het beste werkt en wat dat zal kosten», aldus Neyrinck.

Draadloos internet op de trein past alvast binnen het idee dat tijd in het station geen verloren tijd mag zijn en het feit dat stations meer en meer een werkplek en ontmoetingsplaats worden. «Een strategie die we sinds jaren toepassen, en steeds belangrijker wordt», besluit Neyrinck.

LDC