Heavy metal kan een indicator zijn voor de welvaart

Richard Florida schreef twee jaar geleden een artikel met een kaart van de wereld die het aantal metalbands per 100.000 inwoners toont. Die kaart toont aan dat er een hoge concentratie metalbands in de Scandinavische landen is. Hij kreeg een aantal verklaringen voor het fenomeen: de emoties in metal reflecteren de lange, koude winternachten in Scandinavië, het Scandinavische Vikingverleden zou er mee te maken hebben en één lezer zei zelfs dat landen met veel alcoholici meer metalbands hebben.

0b18e7af8

 

Florida raakte gefascineerd door het onderwerp en vond een artikel van tien jaar oud dat suggereert dat metal een weerslag is tegen de Noorse cultuur, die volgens het artikel “niet enkel volledig humorloos is, maar ook een onderdrukkende samenleving op een flauwe, zorgzame, vrome, sociaal-democratische manier.” Volgens deze logica is metal een product van welvarende samenlevingen en niet van economisch verwoeste, postindustriële gebieden zoals Birmingham, waar Black Sabbath ontstaan is.

Florida besloot om de samenhang tussen metal en welvaart dieper te bestuderen samen met Charlotta Mellander, zijn collega aan het Martin Prosperity Institute. Mellander, een Zweedse, maakt ook vermelding van het feit dat Zweden verplicht muzikale opvoeding krijgen op school, waardoor vele Zweden enig muzikaal talent hebben. Samen vonden Florida en Mellander dat er een verband is tussen welvaartsindicatoren in een land en het aantal metalbands. Ze onderstrepen wel dat het geen oorzakelijke verbanden zijn, het is dus niet zo dat je samenleving welvarender wordt als er plots meer metalbands zijn.

Uit het onderzoek blijkt dat landen waar veel metalbands zijn een grotere economische output hebben, meer creativiteit en ondernemerschap tonen, dat veel volwassenen er een diploma van het hoger onderwijs hebben en dat veel mensen er tevreden zijn met hun leven. Metal lijkt dus meer op een culturele terugslag in welvarende landen dan een product van malaise of slechte situaties.