Oplossing

logo_week_van_het_nederlands_jwi

AFLEVERING 4: Verkleinwoorden, bezitsvormen en meervouden

Wat je moet weten:

  1. Om een verkleinwoord te maken plakken we een uitgang achter een zelfstandig naamwoord: tafeltje, vaasje, bloempje. Als het zelfstandig naamwoord eindigt op een klinker, schrijven we die dubbel (een i wordt ie): slaatje, parapluutje, taxie Achter een y die volgt op een medeklinker gebruiken we een apostrof: baby’tje.
  2. Persoonsnamen, benamingen van familieleden en namen landen en steden kunnen een bezitsvorm krijgen. De gewone manier is een –s toe te voegen: Pieters huis, tantes hondje, Brussels Als het woord eindigt op een enkele a, i, o, u of y, gebruiken we een apostrof: oma’s fiets, Otto’s broertje. Dezelfde regels gebruiken we voor meervouden.
  3. Om de bezitsvorm te maken van een woord dat eindigt met een sisklank, plaatsen we er alleen een apostrof achter: Els
  4. Het verkleinwoord of meervoud van een afkorting die we letter voor letter uitspreken, is met een apostrof: tv’tje, tv’s.

Oplossing:

  1. Ik wil een (L) sla’tje / (M) slatje / (N) sla-tje / (J) slaatje met geitenkaas. (regel 1)
  2. (A) Annes / (E) Anne’s ouders zijn gescheiden. (regel 2)
  3. Ze komt zodra haar (Z) baby’tje / (X) babietje / (R) babytje / (S) baby-tje slaapt. (regel 1)
  4. Zet al die teksten even op een (R) cd-tje / (S) cdtje / (Z) cd’je, alsjeblieft. (regel 4)
  5. Het is (T) Mimies / (L) Mimis / (Z) Mimi’s vader die rijdt. (regel 2)
  6. (O) Alexs / (E) Alex’s / (A) Alex’ resultaten zijn niet zo goed dit jaar. (regel 3)
  7. Alle (N) radio’s / (M) radioos / (L) radios hebben FM-ontvangst. (regel 2)
  8. Ik heb mijn (R) speelgoedauto’tjes / (G) speelgoedautootjes allemaal bewaard. (regel 1)
  9. Er waren toen nog maar weinig (E) tv’s / (O) tvs / (A) tv-s. (regel 4)
  10. Ze was twintig (R) lentes / (S) lente’s jong. (regel 2)

We zochten:

“JAZZZANGER”

Banner V2-Vrijdag