Oplossing

logo_week_van_het_nederlands_jwi

AFLEVERING 5: Enkele en dubbele letters

Wat je moet weten:

  1. Een lange klinker schrijven we in een lettergreep met een dubbele letter als hij tussen twee medeklinkers staat (laat, boot) maar met een enkele klinker als de lettergreep niet wordt gesloten met een medeklinker (la, animo).
  2. Een medeklinker tussen twee klinkers wordt verdubbeld als de eerste klinker kort is (stoppen).
  3. Uitzondering wordt gemaakt als het woord eindigt–el, -em, -es, -et, -ik, -il, -it en –um als er nog een onbeklemtoonde lettergreep volgt: lepelen, monniken, kieviten. Deze uitzondering geldt niet als het woord eindigt op –is en –us: notarissen, krokussen.
  4. Na een i krijgt een enkele e die als ee wordt uitgesproken een trema: officiële. Als de klank met dubbele ee wordt geschreven, schrijven we geen trema: officieel.
  5. Veel uitheemse woorden volgen de regels voor enkele en dubbele letters niet. We schrijven bijvoorbeeld balustrade, café en pony.

Oplossing:

  1. Je kunt de (C) leeuwerikken / (W) leeuweriken / (R) leeuwerriken horen in het veld. (regel 3)
  2. Je krijgt (H) financiële / (E) financiëele / (A) financieële hulp van de overheid. (regel 4)
  3. Ze bereikten het eiland in houten (E) booten / (I) bootten / (A) boten. (regel 1)
  4. We bezochten een (L) kunstgallerij / (T) kunstgalerij. (regel 5)
  5. Je moet (S) alert / (L) allert zijn in die buurt. (regel 5)
  6. Ik wist niet dat (A) notarissen / (E) notarisen zo veel werk hebben. (regel 3)
  7. Het is nu (P) officieel / (L) officiëel / (S) officieël: we zijn een koppeltje. (regel 4)
  8. Ze zat de hele doos ijs uit te (R) lepellen / (P) lepelen / (N) leeppellen. (regel 3)
  9. Hij kreeg een langdurig (A) aplaus / (E) applaus. (regel 1)
  10. Ze discussiëren over het geslacht der (N) engelen / (G) engellen. (regel 3)

 

We zochten:

“WHATSAPPEN”