Infrax test openbare wifi

Infrax test openbare wifi

Het proefproject schiet uit de startblokken in Diest, Diksmuide, Genk, Hasselt, Neerpelt en Torhout, waar op bepaalde plaatsen gratis openbare wifi aangeboden zal worden. «Dit idee is niet nieuw. In grote buitenlandse steden zoals Barcelona en Rotterdam bestaan deze openbare wifispots al langer», vertelt Jos Liebens, de woordvoerder van Infrax aan Metro.

Het doel van het proefproject is om een raming te maken van de installatiekosten voor de wifispots. Eind 2016 zal de netbeheerder aan 91 Vlaamse en 4 Waalse steden en gemeenten waar een glasvezelnetwerk aanwezig is, een aanbod doen.

Enorme interesse

«De interesse voor het project is enorm», klinkt het. Infrax geeft de gemeentes vrij spel om te bepalen waar de wifispots geïnstalleerd moeten worden. «We willen er zeker van zijn dat de wifispots wel degelijk een nut hebben. Afhankelijk van de infrastructuur en de focus van de gemeentebesturen kunnen ze ervoor kiezen om de wifi te installeren in scholen, sport- of cultuurcentra», legt Liebens uit.

Gebruikersdata

Naast het duidelijke voordeel voor de gebruiker, kan het openbaar internet ook voordelen opleveren voor de gemeenten. Via het netwerk kan er informatie over het publiek verzameld worden. «Gemeentebesturen kunnen via de wifispots handige gebruikersdata verzamelen. Het is echter niet de bedoeling om de gebruikers een vragenlijst voor te schotelen om persoonlijke gegevens bijeen te sprokkelen. We denken eerder aan informatie over de drukte van een bepaalde plaats of de volgorde waarin mensen zich van de ene naar de andere plaats bewegen. Een gemeente kan deze gegevens gebruiken om de beveiliging te verbeteren of de verkeersstromen efficiënter te organiseren», verklaart Liebens.

Ook voor commerciële organisaties kan dergelijke informatie interessant zijn. Omdat dit privacygewijs nogal gevoelig ligt, is het volgens Infrax beter om de overheid te laten beslissen wat er met de gebruikersdata moet gebeuren.