MOVIES. Stellan Skarsgård over ‘Hope’: “O nee, niet nog een film over kanker!”

MOVIES. Stellan Skarsgård over 'Hope':
Foto M. Caro

Grote commerciële kaskrakers als ‘Thor’ en ‘Mamma Mia!’, onafhankelijke producties als ‘Good Will Hunting’ en ‘Breaking the Waves’, prestigieuze televisie zoals ‘Chernobyl’… de Zweedse acteur Stellan Skarsgård (69) is van alle markten thuis. Toch is ‘Hope’ iets bijzonders, want het Noorse drama gaat over een pijnlijke periode uit het leven van iemand die Skarsgård heel goed kent.

Hope’ is een autobiografisch geïnspireerde film van Maria Sødahl, die vertelt hoe ze te horen kreeg dat ze kanker had. Jij speelt de echtgenoot. Sødahls echte man is echter de Noorse regisseur Hans Petter Moland, met wie je nauw bevriend bent en al verschillende keren samengewerkt hebt. Hoe voelt het om dus in wezen jouw goeie vriend te spelen?

Stellan Skarsgård: “Deze film is een accurate weerspiegeling van wat Maria doorgemaakt heeft, maar ik heb van bij het begin beslist dat ik niet Hans Petter Moland speel. Die verantwoordelijkheid zou te groot zijn voor mij. Je kunt een bestaande persoon ook onmogelijk perfect portretteren. Het zal altijd een verbeelding zijn. Anja en Tomas, de personages uit de film, zijn dus niet de echte Maria en Hans Petter.”

Wat was je eerste reactie toen Maria Sødahl je dit project voorstelde?

“Eerlijk? Ik wist niet wat ik er van moest denken. Ik dacht ‘O nee, niet nog een film over kanker! Of ziet ze dit als een manier om aan zelftherapie te doen?’ Daar had ik hoegenaamd geen zin in. Toen stuurde ze me een samenvatting van een bladzijde of twee, en het was verdorie grappig! Het hoofdpersonage was bizar en vreemd en het grootste deel van de tijd compleet stoned, en eigenlijk niet heel aangenaam. Op dat moment besefte ik dat Maria genoeg afstand kon nemen om die periode uit haar leven aan te pakken. Ik heb dan ook meteen ja gezegd.”

De film schetst niet per se een heel positief portret van Hans Petter Moland.

“Dat is zo. Maar hij heeft zich heel vrijgevig getoond. Hij vindt dat dit Maria’s versie van de feiten is. Ze vertelt de dingen zoals zij ze beleefd heeft. Anderzijds heeft ze er wel een mooi liefdesverhaal van gemaakt. Dat wil ook veel zeggen.”

Heb je met hem gepraat over je rol?

“Nee. We hebben er natuurlijk wel grapjes over gemaakt. Hij voelt zich een beetje slecht op zijn gemaakt omdat hij vindt dat de film geen eerlijk beeld schetst van hem. Hij maakt zich zorgen om wat de mensen in Noorwegen nu van hem zullen denken. Maar ik heb hem gezegd dat hij na deze film net een veel betere reputatie zal hebben dan vroeger.” (lacht)

Hielp het dat je Maria en Hans Petter kende om de rol te kunnen spelen?

“Ik heb geprobeerd om me zoveel mogelijk aan het script te houden. Hans Petters leven is helemaal anders dan het mijne. Hij werkt bijvoorbeeld veel harder dan ik. (lachje) Waar ik me wel mee kon identificeren, is het gevoel dat je hebt als partner van iemand die kanker heeft. Mijn eerste vrouw heeft ook ooit die diagnose gehad. Plots draait alles dan rond die zieke persoon, en als partner voel je je totaal hulpeloos. Er is niets wat je kan doen. Je kan je geliefde zelfs niet deftig steunen, want zij zit vol doodsangst en die overvleugelt alles.”

Wat heb je dan gedaan?

“Ik heb me op alle praktische beslommeringen gestort. We hadden zes kinderen, en ik heb ervoor gezorgd dat heel die huishoudelijke machine bleef draaien en dat de kinderen alles hadden wat nodig was.”

Merkte je dat je op die manier toch wat troost gaf?

“Eigenlijk niet. Als je kanker hebt, ben je niet bezig met die praktische zaken. Die ziekte neemt al je gedachten in beslag. Het kan je geen fluit schelen of de was gedaan wordt.” (lacht)

‘Hope’ is vooral het verhaal van een relatie en een gezin. Je hebt zelf acht kinderen. Wat voor vader ben je?

“Moeilijk te zeggen. Ik probeer mijn kinderen het gevoel te geven dat ze hun eigen waarde hebben en dat we ze graag zien. En ik lieg nooit tegen hen. Dat is een heilig principe voor mij. Ik heb nog nooit een leugen verteld aan mijn kinderen. Zelfs als ze iets vragen wat heel lastig of persoonlijk is, moet je de waarheid zeggen. Ofwel zeg je dat je te beschaamd bent om te antwoorden. (lacht) Maar dat heb ik nog nooit gezegd.”

Ik heb nog een ietwat vreemde vraag. Ik ken weinig acteurs die zo droef kunnen kijken als jij. Wat is je geheim?

(lacht hard) “Ik denk dat het te maken heeft met de zwaartekracht. Ik word al wat ouder, en dan zakken de spieren van je gezicht automatisch verder door. Daarom zie ik er vaak triest uit.” (lacht)

Tekst Ruben Nollet
RECENSIEOVERZICHT
Hope