PENDELAAR. Marianne: “Het koningsblauwe pak van de Finse ski­ploeg zit me als gegoten”

pendelaar

Elke week deelt onze pendelaar van de week de leukste lifestyletips met jou. Deze keer verklapt de Brusselse Marianne (27), oprichter van culinaire hotspot Bouchée Double, haar best bewaarde geheimen.

Tekst en foto: Camille Van Puymbroeck

Wat moeten mensen zeker bezoeken in Brussel?

Zonder enige twijfel het Vossenplein. Er zijn slechts weinig steden waar je kan genieten van een permanente rommelmarkt als deze. Bovendien krijg je er een heel zeldzaam zicht op de samenleving. Ik neem al mijn vrienden standaard mee om kleine schatten te sprokkelen en meestal gaan we daarna naar Poissionnerie Dangel in de Hoogstraat om een bouillabaisse met huisgemaakte mayonaise en cava te eten. De hele ervaring is wat ouderwets en geïmproviseerd, maar dat maakt het net zo charmant.

Naar welke vakantiebestemming keer je steeds terug?

Ik ben geboren in Zwitserland en ik geef toe dat de Zwitserse bergen, vooral in de zomer, me echt tot rust kunnen brengen. Verder ga ik zowat elke maand terug naar de Elzas om mijn familie te bezoeken. Het contrast tussen dat kleine dorpje op het platteland en een grootstad als Brussel kon niet groter zijn, maar net daarom is het zo interessant.

Op welke tweedehandsaankoop ben je het meeste trots?

Ooit kocht ik bij Emmaus in Frankrijk een prachtige, spotgoedkope zetel. Pas toen we weer thuis waren, merkte ik dat er onderaan een stempel op stond waaruit bleek dat het eigenlijk een echt designerstuk was. Daar ben ik stiekem nog steeds een beetje fier op. Qua kleding heb ik een koningsblauw skipak van de Finse ski­ploeg die me als gegoten zit. Twee kilo erbij en ik pas er niet meer in, maar momenteel geniet ik er met volle teugen van.

Welk restaurant doet je watertanden?

Een van mijn favoriete restaurants is My Tannour. Ze brengen de Syrische keuken naar Brussel en hun brood – gemaakt in een speciale oven – is heerlijk. Het geeft me bijna zin om mijn hoofd erop te leggen en een dutje te doen. In Sint-Gillis kan je me vaak vinden bij Le 203. De zaak wordt uitgebaat door een koppel: hij kookt, zij dient op. Hun kaart is seizoensgebonden en wisselt dus vaak, maar de gerechten zijn altijd om vingers en duimen bij af te likken. Voorts zou ik zeggen dat Belga & Co in de Baljuwstraat perfect is om lekker te ontbijten en Chicago Café aan de Vlaamse Steenweg serveert geweldige lunches.

Welk kookboek vind je een echte aanrader?

Voor mij zijn kookboeken een beetje zoals een goede roman en zo lees ik ze ook. Het gebeurt slechts zelden dat ik een recept tot op de letter kopieer, vaak is het meer een bron van inspiratie. Op dit moment ben ik alle werken van Ottolenghi opnieuw aan het lezen, maar ook oude kookboeken vind ik geweldig. Onlangs heb ik van mijn oma bijvoorbeeld een vintage exemplaar met alleen maar traditionele recepten uit de Elzas gekregen. Geniaal. En een collega heeft me bovendien net ‘Ma cuisine d’Iran’ van Najmieh Batman geleend. Daarin staan maar liefst 300 Iraanse gerechten en hij heeft bij sommige daarvan briefjes met commentaar gestoken. Geweldig vind ik dat.