Minister De Crem: “Jan Jambon was op de hoogte van politieoptreden Charleroi”

Jan Jambon
Belga / T. Roge

Zowel de federale politie als toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) waren op de hoogte van het omstreden politieoptreden in Charleroi waarbij de Slovaak Jozef Chovanec stierf. Dat heeft huidig minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem (CD&V) gezegd op de speciale Kamercommissie die woensdagochtend werd bijeengeroepen.

Op de speciaal bijeengeroepen Kamercommissie van Binnenlandse Zaken en Justitie woensdagochtend zijn de respectievelijke ministers Pieter De Crem en Koen Geens (beiden CD&V) aan de tand gevoeld over het incident met de politie van Charleroi begin 2018. Daarbij werd een Slovaakse man, Jozef Chovanec, hardhandig aangepakt met de dood als uiteindelijk gevolg. De aanwezige agenten maakten ook grapjes en één van hen deed een Hitlergroet. Tijdens de Commissie uitten verschillende parlementsleden hun verontwaardiging over de feiten en het onderzoek. Sommige spraken daarbij van een “doofpotoperatie” en vroegen zich af wie er al eerder op de hoogte was van het incident.

Contact met Slovaakse ambassadeur

Tijdens de verdediging van huidig minister van Binnenlandse Zaken Pieter De Crem, die op het moment van de feiten nog geen minister was en beweert ook nadien niet op de hoogte te zijn gebracht, werd meteen antwoord gegeven op die vraag. Volgens de Crem waren immers zowel de federale politie als toenmalig minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (huidig Vlaams minister-president) op de hoogte van de feiten.

In het geval van de federale politie was dat al op 27 februari 2018, vlak na Chovanecs dood. In het geval van Jambon zou er op 1 maart 2018 een mail van zijn kabinet zijn uitgestuurd naar de federale politie. Daarin stond ze de Slovaakse ambassadeur gingen ontvangen, wat mogelijk duidt op kennisname van de feiten. Vier maanden later ging dat diplomatisch onderhoud, waarin Jambon en de ambassadeur het overlijden van Chovanec bespraken, ook effectief door. Eerder vandaag bracht Het Laatste Nieuws naar buiten dat het FOD Buitenlandse Zaken drie dagen na het bewuste politieoptreden al een brief ontving van de Slovaakse ambassade over “een ernstig consulair incident op de luchthaven van Charleroi”.

De Crem benadrukt wel dat zowel Jambon als de federale politie enkel op de hoogte waren van de feiten, niet van de beelden – waarop duidelijk te zien is dat de agenten weinig serieus met de situatie omgaan. Toch beweerde de woordvoerder van de Vlaamse minister-president enkele dagen geleden nog dat Jambon tot recent niets had gehoord over het incident in Charleroi. Ook Jambon zelf bevestigde in een interview met VTM Nieuws dat hij “nooit, met geen enkel woord” iets over het incident had gehoord. Tijdens de Commissie in het parlement werd met verontwaardiging gereageerd op deze schijnbare leugen.

Jambon ontkent

Het kabinet van Jambon blijft vasthouden aan die laatste bewering en zegt dat de informatie van De Crem nieuw is. Zowel Jan Jambon als de toenmalige én de huidige Commissaris-generaal van de bestuurlijke politie zouden wel nog uitleg komen geven in de Commissie. “Er zijn nieuwe elementen, de informatie over dat incident hebben wij niet gekregen. Maar we gaan nu uitzoeken hoe de vork precies in de steel zit en daarna toelichting geven aan de commissie”, klinkt het bij het kabinet-Jambon.

Minister van Justitie Koen Geens gaf tijdens de Commissie een overzicht van het onderzoek. Daaruit bleek dat de onderzoeksrechter op 16 september 2019 nog een reconstructie weigerde. Gisteren besliste de onderzoeksrechter toch om nog een reconstructie uit te voeren. Op de vraag of minister Geens zelf eerder op de hoogte was van de feiten, antwoordde hij: “Het valt niet uit te sluiten dat ik het persbericht dat toen door het parket verspreid is, gelezen heb. Het spijt mij dat het mij niet méér opgevallen is, maar als u dat persbericht opnieuw leest, zal u merken dat het een relatief onschuldig persbericht leek.”