#STAGELIFE. Mattias De Craene: “Je bent maar zo goed als je laatste concert”

de craene

Nu we in deze coronatijden verstoken zijn van festivals, polst Metro elke week bij een andere artiest naar zijn/haar meest memorabele live-ervaringen – zowel voor als op de planken. Deze week is het woord aan Mattias De Craene, de Gentse saxofonist wiens schallende koperblazer verweven zit in het repertoire van o.a. Nordmann, MDCIII, Raketkanon en Sylvie Kreusch. Zijn solodebuut in de vorm van een titelloze EP verscheen vorige maand.

Wat is het beste concert dat je ooit gegeven hebt?

Mattias De Craene: «Je bent maar zo goed als je laatste concert, zo wordt vaak gezegd. Bij mij was dat een try-outconcert van Nordmann in Brugge. Onze tour werd toen abrupt onderbroken door het coronavirus.»

Wat is het minste concert dat je ooit gegeven hebt?

«Als er al eens een enkeling wegloopt op een concert, is dat om stijlredenen. Of dat hou ik mezelf toch voor. Een mens zou nog onzeker worden zeg.»

Wat is je meest bizarre herinnering aan een muziekoptreden?

«Ik denk spontaan aan Niels Destadsbader op de MIA’s 2017. Pas op: no offence… Maar wel bizar.»

Wat mis je het meest aan het podiumleven?

«De nachtelijke stops in de tankstations. Het creëren van een mooi moment samen met je publiek. De schoonheid van de momentopname, de eerlijkheid, het samen zijn. Het onderweg zijn met je bandleden, diepe en oppervlakkige gesprekken in de wagen en de backstage. Toeschouwers die na het concert komen zeggen dat de muziek iets heeft losgemaakt in hen.»

Wat mis je helemaal niet aan het podiumleven?

«Het in- en uitladen van de bus en het opstellen en afbreken van het materiaal. Ook repeteren vind ik verschrikkelijk; blij dat dat ook eventjes achter de rug is.»

Wat zijn voor jou de hoofdingrediënten van ‘het ideale concert’?

«Zo heel soms vallen alle puzzelstukjes in elkaar en denk je na het optreden: ‘What the hell was that?’. Er is geen zaligmakend recept voor dat euforische gevoel, het is een samenspel van omstandigheden. Maar een toegewijde band en publiek, een goed geluid, de ideale setting en ‘in het moment zijn’ kunnen je al aardig op weg zetten.»

Quentin Soenens