SOUNDCHECK. Sohnarr slaat haar vleugels uit op solodebuut: “Uit de schaduw treden was de uitdaging die ik zocht”

Foto R.V.

Veertien jaar lang stond ze als medeoprichtster van de Belgische popband Balthazar op Europa’s grootste concertpodia, om twee jaar geleden haar eigen weg op te gaan. Die weg leidde haar naar de weidse, ongerepte natuur van Zweden en Noorwegen, waar de violiste inspiratie opdeed voor haar solodebuut; het introspectieve ‘Coral Dusk’.

Dag Patricia. Wat is de ontstaansgeschiedenis van je debuutplaat?

Patricia Vanneste: “Toen ik thuis in Gent probeerde om muziek schrijven, werd mijn creatieve bubbel doorprikt van zodra ik voetstappen of geluid bij de buren hoorde. Ik werd me dan plots heel bewust van wat ik aan het doen was, terwijl mijn idee net was om een heel intuïtieve plaat te maken die zo organisch mogelijk tot stand moest komen. In de herfst van 2018 heb ik dan in mijn eentje door Zweden en Noorwegen gereisd. Ik zocht de desolaatheid op en wou in ultieme harmonie met de natuur zijn, om mezelf los te koppelen van mijn eigen identiteit. Alleen zo kon ik me volledig overleveren aan mijn buikgevoel, waarop de plaat gestoeld is. Ik zocht een geestelijke trip zonder naar roesmiddelen te moeten grijpen. De indrukken die ik toen in me opnam vertaalde ik in de muziek, omdat ze niet met woorden beschreven konden worden. Het was oorspronkelijk mijn bedoeling om enkel demo’s op te nemen, maar er is uiteindelijk een plaat uit voortgevloeid.”

De invloed van die Scandinavische landschappen is voelbaar op de plaat. Vanwaar die aantrekking tot de natuur?

“De liefde voor de natuur is mij met de paplepel ingegeven. Ons gezin woonde op het platteland, en we gingen twee keer per jaar op reis naar de bergen. Later heb ik met mijn vriend een Volkswagenbusje gekocht, waarmee ik een paar keer solo door de natuur in Slovenië, Italië en Zwitserland ben getrokken.”

Waarom viel de naamkeuze voor de titel op ‘Coral Dusk’?

“De titel verwijst naar de Scandinavische herfst, wanneer de natuur oranje kleurt. Die tinten deden me denken aan koralen. Bovendien straalt dat oranje kleurenpalet een soort uniformiteit uit in de natuur, zoals een titel van een plaat ook alle songs op die plaat in zich verenigt.”

Je plaat is een meditatieve, haast transcendente ervaring. Wat hoop je te kunnen losmaken bij de luisteraar?

“Ik wou de plaat in eerste instantie voor mezelf maken; ik wou mijn ei kwijt. Toen het album klaar was, zat ik er even door. Ik heb de klik gemaakt omdat ik ergens benieuwd was naar hoe de plaat zou resoneren bij anderen. Muziek kan me heel erg raken, en ik wou aftasten wat mijn muziek kon teweegbrengen bij mijn luisteraars. Ik had geen betere reacties kunnen dromen: sommige luisteraars vonden in mijn muziek een verklaring voor een gevoel dat ze niet in woorden konden uitdrukken. Als ik zoiets hoor maakt mijn hart een vreugdesprongetje. Dat gevoel van harmonie wil ik creëren. Het is ook een fijn besef te weten dat we ergens in onze kern verbonden zijn met elkaar, als we zo’n ondefinieerbare gevoelens delen.”

Twee jaar geleden verliet je Balthazar omdat je meer nood had aan “creatieve ademruimte”. Had je na veertien jaar bij de band een verstikkend gevoel gekregen?

“Mijn verhaal bij Balthazar was uitgeschreven. Ik wou een andere koers varen, want ik zocht iets anders in muziek en wou mezelf vernieuwen. Doorheen de jaren vorm je een entiteit met vijf, maar je bent ook slechts één vijfde van het geheel. Pas op: ik sta graag in de schaduw, zoals dat het geval was bij Balthazar, maar je verandert als mens. Na veertien jaar was de tijd rijp voor een nieuwe uitdaging. Die uitdaging bestond er voor mij in om uit die schaduw te treden. Dat heeft me geprikkeld om solo te gaan.”

“Ik wou mezelf meer kunnen uitdrukken, op mijn eigen manier”

De cover van ‘Coral Dusk’

Vind je dat je nu als soloartieste meer tot je recht komt?

That’s in the eye of the beholder. Ik wou mezelf vooral meer kunnen uitdrukken, op mijn eigen manier, en dat zou niet gelukt zijn binnen Balthazar. Wie naar mijn plaat luistert hoort ook dat deze muziekstijl helemaal niet had gepast bij Balthazar.”

Zijn er – bewust of onbewust – wat Balthazar-invloeden in je solowerk gekropen?

“Als ze er zijn – en ik vermoed dat dat inderdaad het geval is – dan zijn die sowieso onbewust in de plaat geslopen, en dan hoogstwaarschijnlijk in het melodische aspect. Na veertien jaar bij Balthazar is dat ook niet zo verwonderlijk, die periode heeft me gevormd. Wat ik wel bewust heb gedaan, is het openbreken van die typische popstructuur. Ik wou ver weg blijven van de radiovriendelijke songs – op een uitzondering na. Één lied heeft misschien kans om op de radio gedraaid te worden, omdat het een experiment is op de klassieke popstructuur. Ik moest gewoon nog één zo’n nummer maken om de poppy vibes definitief af te zweren.” (lacht)

“Onlangs kreeg ik de vraag of ik geen druk ondervind om met Sohnarr even goed te doen als met Balthazar. Ik zie het net anders: het succes van Balthazar heb ik al gehad, ik streef er niet per se naar om dat opnieuw te beleven – wat maakt dat ik me bevrijd voel.”

Ben je na je exit bij Balthazar nog naar optredens van je oud-collega’s gaan kijken?

“Oh absoluut, ik ben naar hen gaan kijken in De Kreun in Kortrijk en in L’Aéronef in Rijsel. Dat was genieten, want ik zag een goeie band, maar het voelde tegelijk ook bizar. Ik bekeek ze voor het eerst vanuit het perspectief van een toeschouwer, en zag mijn vervanger de nummers spelen die ik zelf jarenlang gespeeld heb.”

Je hebt ook een cube gelanceerd: de Sohnarr Sjel, een afgesloten cocon te midden een natuurdomein, waarin jouw muziek weerklinkt. Wat is de gedachte achter dat project?

“Het ontwerp is ontstaan na een gesprek met mijn vriend, die architect is. De bedoeling is om een extra dimensie te creëren waarin de plaat ten volle ‘beleefd’ kan worden. De muziek komt immers het meest tot zijn recht als je er in de natuur naar luistert. Binnen de muren van een concertzaal zou een deel van de magie verloren gaan. In een zotte bui besloot ik om zelf de ideale luisterlocatie aan te bieden, waar je gewoon op de playknop drukt en drie kwartier lang versmelt met de omgeving. Zo wordt het immersieve aspect van de plaat nog versterkt.”

“Door het coronavirus is de cube momenteel niet toegankelijk, maar ik werk volop aan de heropstart. We zouden dan met een reservatiesysteem werken en een toegangssleutel die klaarligt bij een ophaalpunt in de buurt.”

Hoe gaat het nu verder? Blijf je doorgaan op de ingeslagen weg?

“Ik heb geen idee, voor hetzelfde geld wordt mijn volgende plaat vrolijk en luchtig. Dat zie ik dan wel weer. Ik wil niet per se iets maken omdat ik me verplicht voel, de behoefte moet vanzelf opborrelen.”

Quentin Soenens

‘Coral Dusk’ verscheen op 15 mei.