Spaanse kinderen mogen zondag voor het eerst in zes weken weer naar buiten

Spaanse kinderen mogen zondag voor het eerst in zes weken weer naar buiten
AFP / C. Quicler

Spanje versoepelt de coronamaatregelen in het land en laat vanaf zondag weer toe dat kinderen weer naar buiten mogen. Zes weken geleden ging er een streng uitgaansverbod van kracht, maar pediaters stellen dat het voor de mentale gezondheid van de kinderen belangrijk is dat ze hun woning af en toe verlaten.

Heel wat Spaanse kinderen kijken reikhalzend uit naar zondag. Dan mogen ze van de Spaanse overheid eindelijk weer naar buiten. Dat is al zes weken geleden, sinds er midden maart een streng verbod kwam op alle niet-essentiële verplaatsingen in het land. Volwassenen mochten nog wel naar de winkel gaan of werken met een speciale vergunning, maar kinderen moesten binnen blijven. Daar komt dus nu een einde aan, ook omdat de kritiek op de maatregel toenam.

Protest met potten en pannen

In een eerste voorstel van de regering zouden kinderen enkel met hun ouders mee mogen gaan op essentiële verplaatsingen, maar dat viel niet in goede aarde. Dinsdag verzamelden heel wat mensen achter hun raam of op hun balkon en klopten om potten en pannen om hun onvrede te tonen. Ze vonden het niet kunnen dat kinderen niet even konden gaan spelen of gewoon naar buiten mochten voor wat frisse lucht, schrijft NPR. De Spaanse minister van Volksgezondheid liet daarop weten dat iedereen jonger dan 14 jaar vanaf zondag een wandeling mag maken.

De medische wereld in Spanje juicht de versoepeling toe, want de gezondheid van de kinderen heeft geleden de voorbije weken, klinkt het. Volgens de Spaanse Vereniging voor Poliklinische Pediatrie moeten kinderen buiten kunnen komen voor hun fysiek en mentaal welzijn. “Kinderen die buiten spelen, lopen ook minder risico om besmet te worden met het coronavirus dan als ze meegaan naar bijvoorbeeld een supermarkt waar mensen op een kleine ruimte samenzitten en waar ze misschien producten zouden aanraken”, aldus de organisatie.

Spanje kent een van de ergste uitbraken van het coronavirus. Volgens cijfers van de Johns Hopkins University werden in het land meer dan 200.000 besmettingen vastgesteld. Meer dan 21.000 mensen stierven aan de gevolgen van COVID-19.