Wouter Beke verdedigt beleid: “Cijfers overschatten ware aantal coronadoden”

Foto Belga / D. Waem

Vlaams minister van Welzijn Wouter Beke ging in het Vlaams Parlement opnieuw in op het hoge sterftecijfer door corona in ons land. Afgezet tegen het aantal inwoners staan we immers aan de top. Hij gaf aan dat deze cijfers wel met een korreltje zout dienen genomen te worden.

“We leren uit de cijfers dat ongeveer één op de twee mensen in de woonzorgcentra die symptomen heeft ook positief test. Dat wil zeggen dat één op de twee niet positief test, maar wel in onze cijfers als vermoedelijk positief wordt aangeduid. Dat zegt wellicht ook iets over het aantal mensen dat de vorige weken is overleden en waarvoor men het label ’positief’ heeft genoteerd.”

Drie op de vier vertoont geen symptomen

Uit de tests bij het personeel van de woonzorgcentra leren we dat één op de vier van de positief geteste mensen symptomen heeft en drie op de vier niet, aldus Beke. Daaruit kunnen we volgens hem mogelijk ook iets leren over de manier waarop het virus in de hele samenleving voorkomt.

De minister trok fel van leer tegen de beschuldiging dat de situatie in de Vlaamse woonzorgcentra niet goed wordt beheerd. “Er is momenteel maar één duidelijke indicator en dat is te kijken naar de oversterfte. Volgens het rapport van Sciensano was de afgelopen drie weken de oversterfte het meest uitgesproken in Brussel en het minst in Vlaanderen”, aldus Beke.

Sneer naar Goeman

«Ik pik het niet dat u mij week na week de les komt spellen terwijl u in een regio woont die het helemaal niet beter aanpakt, in Brussel, waar u mee in de regering zit», zei hij tegen Hannelore Goeman van sp.a. «Niemand heeft op dit moment een boodschap aan welke regio het op dit moment het beste doet, ook niet aan politieke spelletjes», reageerde Goeman.