Belgische en Vlaamse hulp bij deportatie “schandvlek in onze geschiedenis”

Belgische en Vlaamse hulp bij deportatie
Belgische en Vlaamse hulp bij deportatie "schandvlek in onze geschiedenis"

Vlaams minister-president Jan Jambon noemt de deelname van de Belgische en Vlaamse autoriteiten aan de deportaties in de Tweede Wereldoorlog “een schandvlek in onze geschiedenis”. Dat heeft Jambon maandag gezegd op een diner van de European Jewish Association (EJA) in het Poolse Krakau. Morgen/dinsdag bezoekt Jambon het concentratie- en vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau dat 75 jaar geleden bevrijd werd. Aan de vooravond van zijn bezoek aan Auschwitz, mocht Vlaams minister-president Jan Jambon maandag in Krakau een toespraak houden op een bijeenkomst van de European Jewish Association (EJA).
In die toespraak verwees Jambon naar de meer dan 25.000 mensen, voornamelijk joden, die vanuit Mechelen naar Auschwitz-Birkenau werden gedeporteerd en van wie er minder dan 5 procent het overleefd heeft. “Wat er gebeurd is in de Tweede Wereldoorlog mag nooit vergeten worden”, aldus Jambon.
De Vlaamse minister-president ging ook de moeilijke kwestie van de collaboratie niet uit de weg. “We mogen onze eigen rol niet vergeten. De Belgische en Vlaamse autoriteiten hebben gewillig meegewerkt aan de deportatie van en de moord op hun eigen burgers. Dat is een schandvlek in onze geschiedenis, een geschiedenis die we recht in de ogen moeten durven kijken”, klonk het.
Jambon hamerde verder op het belang van herinneringseducatie, ook omdat antisemitisme anno 2020 niet verdwenen is. “We leven in een tijd waarin leuzen waarvan ik hoopte dat we ze nooit meer zouden horen, plots terug weerklinken in onze straten. Antisemitisme en andere vormen van haat worden terug gepredikt in Europa. In onze steden worden er zelfs opnieuw mensen vermoord omdat ze niet tot de juiste religie zouden behoren”, aldus Jambon, daarbij onder meer verwijzend naar de aanslag op het Joods museum in Brussel in mei 2014.
Als minister-president van Vlaanderen belooft Jambon er “alles aan te doen om ervoor te zorgen dat onze Joodse medeburgers zich bij ons veilig en thuisvoelen, dat ze hun godsdienst in vrijheid kunnen uitoefenen, dat ze vrij kunnen zijn van antisemitisme, van haat en geweld”.

Bron: Belga