Gratis terugzenden van pakjes nefast voor het milieu

terugzenden
Foto Unsplash

Na de feestdagen kunnen we genieten van alle leuke cadeau’s die we vol verwachting hebben uitgepakt. Maar soms slaat dat uitpakken ook tegen. We zitten immers na kerst vaak ook opgezadeld met een heleboel cadeaus die we eigenlijk niet willen. Zijn die pakjes online gekocht, is het verleidelijk om die stinkende geurkaars gratis terug te zenden en/of om te ruilen. Het milieu betaalt daar echter een hoge prijs voor.

Goedkoper om weg te gooien

Bedrijven hebben verschillende reden om hun retourzendingen niet terug op de markt te brengen. Zo zijn ze soms beschadigd of zijn ze niet langer in seizoen – zoals een winterjas die teruggestuurd wordt als de lente al begonnen is. Maar vaak is de waarde van het teruggestuurde product gewoon zo laag dat het goedkoper is om het weg te gooien dan om het opnieuw te verpakken en het hele logistieke proces van herverkoop te doorlopen. Ook hebben verkooppunten soms een afspraak met leveranciers dat ze producten niet tweemaal mogen verkopen.

Kostenloze illusie

“Hoe gemakkelijker je het de klant maakt om iets te retourneren, des te waarschijnlijker het is dat de klant denkt dat er geen kosten zijn voor de retour”, zegt Miguel Jaller van de Universiteit van Californië. Hij onderzocht dat het twee keer zo waarschijnlijk is dat consumenten online aangekochten producten terugsturen dan producten gekocht in een echte winkels. Bovendien heeft het retourproces bij online winkels typisch een grotere milieu-impact dan bij fysieke winkels. Het teruggezonden pakketje moet immers vaak meer transporten ondergaan dan wanneer het meteen terug kan naar een fysieke winkel.

Vooral kleren hebben een grote kans om teruggestuurd te worden, tussen de 40 en 50%. Dat komt door het feit dat veel klanten hun slaapkamer als paskamer zijn beginnen gebruiken.

Maatregelen

De hoge milieukost van terugzendingen kan echter aangepakt worden. Overheden kunnen (wegen)belastingen heffen op bezorgwagens en bepalen hoe lang ze mogen stilstaan terwijl ze pakjes bezorgen. Ook kan er bijvoorbeeld een verbod tegen het vernielen van ongebruikte goederen worden uitgevaardigd, zoals de Franse overheid vorig jaar deed.

Winkels kunnen van hun kant onder andere het verpakkingsmateriaal proberen te minimaliseren, hun producten duidelijker beschrijven en hun magazijnen energie-efficiënt maken. Winkels zoals Ikea maken al gebruik van virtual reality om meubilair levensecht in je woonkamer voor stellen en veel kledingmerken gebruiken TrueFit-technologie zodat consumenten beter de juiste maat kunnen kiezen. Er kan ook meer ingezet worden op het zelf terugbrengen van pakketjes naar een centraal postpunt. En natuurlijk kunnen verkooppunten het terugzenden van producten ook aanrekenen aan de consument, al zeggen experten dat dat op korte termijn onwaarschijnlijk is. “Volgens ons onderzoek zegt 97% van de consumenten dat een positieve retourervaring hen zal aanmoedigen om opnieuw bij die retailer te winkelen”, aldus Ann Starodaj.

Jaller schuift de verantwoordelijkheid dan ook af op de consument. “Als je niet zeker bent of je het nodig hebt, koop het dan niet.”