SOUNDCHECK. Het Zesde Metaal aanschouwt op ‘Skepsels’ de wereld

(c) Ramy Moharam Fouad

Op het nieuwe album ‘Skepsels’ roert Wannes Capelle diep in de eigen ziel zonder zijn unieke kijk op de wereld los te laten. Het levert een warme, boeiende plaat op waarin tekst en muziek een tot de verbeelding sprekende paringsdans uitvoeren.

‘Skepsels’ is een titel die heel wat mededogen uitstraalt. Sta je vaak stil bij de imperfecties van andere en van jezelf?

Wannes Capelle: “We lopen hier rond als ‘skepsels van goden die niet meer bestaan. Ik ben zelf niet gelovig, maar ‘skepsels’ is een woord met een mooie religieuze ondertoon. Het is niet omdat iets niet bestaat dat het niet mooi kan zijn. Ik gebruik graag religieus getinte beelden. En zeker nu, met heel die klimaatpolitiek, stellen we ons vragen. Wat doen we met de aardbol en wat moet er gebeuren om hier te kunnen blijven leven? Als we alleen aan onszelf blijven denken, schieten we ons in de voet. Je hebt anderen nodig om te overleven en je moet zelf ook anders gaan leven. Christenen zien de mens als moeder van de schepping. En of je nu gelovig bent of niet, je merkt dat we voor de anderen zullen moeten zorgen of het loopt verkeerd af. Ik vond het een goede titel. We zijn allemaal prutsers, niemand weet waarom we hier rondlopen. Vlooi het zelf maar uit en maak er het beste van. Zoek niet naar perfectie, probeer het gewoon goed te doen. Ik ben zelf geen perfectionist, want ik kan op een bepaald moment best wel aanvaarden dat iets goed genoeg is. Je werk, kinderen, op reis gaan, je muziek… probeer er de beste momenten uit te halen en geniet daar ten volle van. En vergelijk niet steeds met een ander, want anders heb je hét recept in handen om ongelukkig te worden.”

Hoe giet je dat in je muzikantenbestaan? Op een gegeven moment moet je de plaat durven loslaten op de wijde wereld, inclusief imperfecties.

“Ik beheers de kunst van het loslaten steeds beter, wat niet wil zeggen dat ik sneller tevreden ben. Het is de eeuwige zoektocht naar evenwicht. Je vraagt als muzikant aan je luisteraar vijftig minuten luisterbereidheid wanneer je een nieuwe plaat presenteert. Dan moet je iets goed kunnen aanbieden. Is ‘Skepsels’ daarom perfect? Verre van, maar ze geeft perfect weer waar Het Zesde Metaal momenteel voor staat.”

Ik heb de indruk dat klank en woord op deze plaat nog dichter naar elkaar zijn toegegroeid.

“Ik begrijp wat je bedoelt. Het klinkt misschien raar, maar ik vind dat we met ‘Skepsels’ het dichtst bij een Wannes Capelle-album zitten. Het is absoluut een groepsplaat en dat hoor je ook. Maar de singer-songwriter en de groep zijn hier sterker dan ooit naar elkaar toegegroeid. Vroeger kon je al eens opperen dat je een singer-songwriter hoorde die een groep rond zich had opgebouwd. Die vlieger gaat nu niet meer op. De symbiose is nog nooit zo intens geweest. We hebben ondertussen al heel wat kilometers samen op de teller en dan functioneer je vrijer als band. Met ‘Meesters’, de ep rond bekende kunstwerken, gaven we de tekst aan de muzikanten en werd de muziek daaromheen opgebouwd. Vanuit een heel vrij perspectief. Dat gegeven hebben we hier losgelaten. We vertrokken meer vanuit een echte song waardoor we veel dichter dan ooit thuis zijn aangekomen.”

Wat is voor jou de belangrijkste evolutie in Het Zesde Metaal-verhaal?

“Het vertrouwen dat er altijd wel iets zal komen. Weten dat de bron niet zal opdrogen. Bij elke plaat probeer ik stil te staan bij wat er verkeerd loopt in de wereld of wat er zich in mijn hoofd afspeelt. Door ouder te worden win je aan maturiteit en wordt je kijk op de dingen rijker en meer gelaagd. Je komt als mens op een rustigere plek terecht die een beter perspectief biedt. Wat ik bijvoorbeeld zing op ‘Slaven van het leven’. ‘We zijn eindelijk uit de mode, over datum, maar nog lang niet levensmoe…’ Dat geeft de mindset van Het Zesde Metaal anno 2019 perfect weer. (lachend) ‘Jullie kan ik niet meer als jong talent slijten’, liet onze Nederlandse boeker onlangs optekenen. Dat is prima. We zijn niet meer De Nieuwe Lichting en gelukkig groeit ons publiek mee met de jaren. We hebben iets opgebouwd en hebben de luxe om vanuit een zekere positie te werken. Voor het eerst hadden we het gevoel dat we nu toch al wel ergens staan. Met ‘Naar de wuppe’ voelde je dat er iets aan het gebeuren was en het werd inderdaad alleen maar beter. Toen we ooit ‘Ploegsteert’ speelden in ‘De Laatste Show’ werd ik ’s morgens bij de bakker aangesproken. De kracht van televisie is niet te onderschatten qua verbreding. Ook mijn rol in ‘Bevergem’ heeft het verhaal alleen maar groter gemaakt.”

Je liet ‘Skepsels’ eerst horen aan Strook, de man die het artwork heeft gedaan. Je kreeg een mail terug dat je niet te veel kleur hoefde te verwachten omdat het een donkere plaat was.

“Ik had hem alleen de teksten doorgestuurd. Toen ik hem de muziek liet horen, veranderde zijn kijk. Toegegeven, ‘Skepsels’ is persoonlijker dan ‘Nie voe kinders’ of ‘Calais’. Dan wil je al wel eens een paar statements maken en tegen wat schenen schoppen, maar dat idee heb ik niet doorgedrukt. Ik had echt geen zin in een album vol slogans, al hoor je die onvrede onderhuids nog wel terug in bepaalde songs. Luister naar de tekst van ‘Slaven van het leven’, mogelijk het donkerste nummer. Neem de tekst weg en je ziet jezelf in een cabriolet op een Amerikaanse highway richting ondergaande zon rijden. Die dualiteit zoek ik steeds meer op.”

Net als in de succesvolle single ‘Tid van ton’, niet?

“Yep, en ik speel daar vrolijk met een soort foute nostalgie. Vroeger was alles zeker niet beter. Maar door het op een luchtige manier te vertolken, komt het naar mijn mening alleen maar sterker binnen. Of voor ‘Reden Genoeg’, waar ik de mosterd heb gehaald bij filosoof Alain De Botton. In de laatste strofe zing ik ‘We blijven samen voor de troost, voor het verleden dat we gemaakt hebben en voor de toekomst van de kroost.’ Wel, ik kan me vinden in de stelling van Botton dat we niet mogen neerkijken op mensen die zeggen dat ze samen blijven voor de kinderen. Dat is een perfecte reden die een nuchtere kijk op de zaken weergeeft. Iedereen verwacht van relaties dat ze de hemel op aarde zijn, terwijl het echte leven ze vaak een modderbad voorschotelt. De moeilijkste mens om mee samen te leven ben je eigenlijk zelf. Vergeet dat niet, want samenleven met iemand vraagt een grote inspanning langs beide kanten. Je krijgt ook maar uit een relatie wat je er zelf insteekt. En ondanks de vuiligheid kunnen we geregeld schoon ‘opgeblinkt’ rechtstaan. Ik blijf geloven in het positieve.”

‘De onvolledigen’ is na al die jaren je eerste duet. En dan nog wel met SX-frontvrouw Stefanie Callebaut.

“Ik had in het verleden al wat pogingen ondernomen, maar het voelde nooit goed aan. Toen ik ‘De onvolledigen’ had geschreven, hoorde ik daar meteen een duet in. Ik contacteerde Stefanie, want het moest iemand zijn die het West-Vlaams in haar genen had. Ze had nog nooit in haar dialect gezongen en je herkent haar stem amper, omdat ze een andere klankkleur heeft. Maar bij de eerste take had ik al kippenvel. Boenk erop.”

Dirk Fryns

‘Skepsels’ is uit op Unday Records. Het Zesde Metaal start met een clubtoer vanaf februari. Meer info vind je op www.hetzesdemetaal.be.

RECENSIEOVERZICHT
4