Pendelaar Kwinten verklapt: “Dé Brusselaar bestaat niet en dat maakt het zo interessant”

pendelaar

Elke week deelt een pendelaar de leukste lifestyletips met jou. Vandaag vertelt Kwinten Lambrecht (30), alumnus van de VUB en communicatieadviseur bij Kwin, over zijn Brussel.

Brussel in één woord?

Dubieus.

Welke Brusselse designer vind je inspirerend?

Marina Bautier. Haar meubels zijn minimalistisch van stijl en vaak vervaardigd uit hout. Ze heeft een atelier in de Portugese wijk op de grens tussen Vorst en Sint-Gillis en veel van de stukken worden ook nog eens gewoon in België gemaakt.

Welk restaurant doet je watertanden?

Brussel barst van de heerlijke adresjes. Toegegeven, ik ga best vaak uit eten, dus het is heel moeilijk om slechts één adres te kiezen. Voor Italiaans ga ik naar Certo in Elsene, ben ik in de stemming voor Aziatisch, dan kan je me vinden bij Old Boy. Ik was onlangs ook bij Le Damoiselle in Sint-Gillis en daar hebben ze dan weer een fantastisch aanbod aan natuurlijke wijnen. Qua eten heb je de keuze uit vijf Mediterraanse gerechten – je bent er dus zeker van dat alles kraakvers is.

Wat is de beste plek in Brussel om je even op vakantie te wanen?

Ik ga zelf op vakantie altijd op zoek naar hippe plekjes die aan een revival bezig zijn. Het park van Tour & Taxis is daarvan een ideaal voorbeeld. Sowieso zijn parken de plaats bij uitstek om even te ontsnappen aan de stad. Het Josaphatpark in Schaarbeek doet me dromen van Madrid en op dagen dat het Ter Kamerenbos is afgesloten voor het verkeer verandert het in een soort magische wereld op zich.

Welke bezienswaardigheid moeten mensen zeker bezoeken in Brussel?

Het probleem met Brussel is dat je de stad onmogelijk kan definiëren aan de hand van één attractie of wijk, zoals dat in andere steden naar mijn mening vaak wel het geval is. Onze hoofdstad is gewoon zo gevarieerd. Maar als je echt weinig tijd hebt, zou ik aanraden om te vertrekken aan Brussel-Centraal. Via de Zavel en het Egmontpark kom je terecht aan het Justitiepaleis, waar het uitzicht fenomenaal is. Vervolgens moet je langs het Vossenplein wandelen en een ‘pistolet mixte’ eten bij La Clef d’Or. Van daaruit is het aangenaam wandelen richting het centrum. Ga zeker even langs de Zenne aan de Sint-Gorikshallen en eindig bij Noordzee met verse vis en een glas koele witte wijn.

Wie is volgens jou de meest typerende Brusselaar?

Je kan natuurlijk de geschiedenis induiken en spreken over een man als Raymond Goethals, maar vandaag de dag denk ik dat Zwangere Guy toepasselijker is. Hij is een echte ‘rauwe’ Brusselaar en spreekt een ruime doelgroep aan. Je kan hem zomaar tegenkomen in een chic restaurant, maar hij drinkt evengoed een pintje op straat. Hij neemt zichzelf niet te serieus en vergeet nooit van waar hij komt, maar tegelijk heeft hij wel de ‘Brussels dream’ verwezenlijkt. In de rest van België hebben mensen al snel zoiets van ‘doe maar normaal’, terwijl je in Brussel net respect verdient door uniek te zijn en wat durf te tonen – bijvoorbeeld door te rappen in het Nederlands. De term Brusselaar is sowieso nogal complex, want je wordt het van zodra je jezelf inschrijft bij de gemeente. Dé Brusselaar bestaat niet en dat maakt het zo interessant.

Beste Instagrampagina’s over Brussel

We Love Brussels
Eric Ostermann
Brussels Museums

Tekst en foto door Camille Van Puymbroeck