MOVIES. Woody Allen over romantiek, cinema en ‘A Rainy Day in New York’: “Liefde is even ongrijpbaar als humor”

MOVIES. Woody Allen over romantiek, cinema en 'A Rainy Day in New York':
Foto Mars Films

In de luchtige romantische komedie ‘A Rainy Day in New York’ laat Woody Allen twee jonge twintigers (Timothée Chalamet en Elle Fanning) door Manhattan dartelen. Op zijn 83ste is hij de dartelleeftijd al lang voorbij, maar hij is nog lang niet uitgepraat over de liefde.

“Niet mijn favoriete weer”, zucht Woody Allen wanneer ik hem de hand schud. Brussel puft onder een zoveelste hittegolf en op zijn oude dag heeft Allen het meer dan ooit moeilijk mee. Hij is in België voor een concert met zijn groepje Woody Allen & The Eddy Davis New Orleans Jazz Band, waarin hij zelf de klarinet speelt. Maar hij trok met plezier wat tijd voor Metro uit om het over zijn nieuwe komedie ‘A Rainy Day in New York’ te hebben. En meer bepaald over een tijdloos onderwerp dat zijn werk nu al meer dan 60 jaar beheerst: de liefde.

Waar komt uw romantische blik op het leven vandaan, denkt u?

Woody Allen: “Van Hollywood. Cinema was van kindsbeen af mijn grote passie. Ik ben opgegroeid in de jaren 30 en 40, en televisie bestond toen nog niet. Je had enkel radio en de bioscoop. En iedereen in Amerika ging naar de cinema. De zalen zaten altijd vol. Het was een overweldigende ervaring. De bioscopen waren groots en prachtig, de bedienden droegen uniformen, en het scherm was gigantisch. De sterren van toen waren Fred Astaire en Ginger Rogers en Humphrey Bogart. Je puurde je visie op het leven uit die films. De vrouwen voelden zich ongelukkig omdat de mannen die ze ontmoetten nietsnutten waren die totaal niet op Clark Gable of Tyrone Power leken. En de mannen waren ontgoocheld omdat de vrouwen niet op Rita Hayworth of Katharine Hepburn leken. Cinema had een heel diepe impact op iedereen.”

Weet u na al die jaren al wat liefde nu eigenlijk is?

“O nee. Ik ben tot de conclusie gekomen dat de liefde veel te complex is om ooit te begrijpen. Het is geen exacte wetenschap. Er zijn ook te veel verschillende kanten aan. Liefde voor de vrouwelijke soort is niet hetzelfde als de liefde die je voelt voor je echtgenote of voor je zoon of je dochter of je broer of je ouders of je vrienden. Liefde kan pure passie zijn of ze kan dieper gaan. Liefde is even ongrijpbaar als humor. Daar kan je ook geen precieze definitie of verklaring van verzinnen. En je kan het niet leren, enkel ervaren.”

Is dat waarom u op uw 83ste nog steeds film over de liefde maakt?

“Precies. Liefde is altijd interessant, net omdat je haar niet kan vatten of vastleggen. Liefde is altijd dubbelzinnig en ingewikkeld. Ze spreekt zichzelf tegen. Ze kan het grootste genot verschaffen en je het diepste verdriet bezorgen. Na 83 jaar heb ik niets geleerd. Ik snap er nog steeds geen jota van.”

De titel ‘A Rainy Day in New York’ verklapt waar de film zich afspeelt. Die stad blijft uw thuis, ook al hebt u in de loop van uw carrière al in veel andere plaatsen gedraaid. Maar hoe realistisch is het beeld dat u schetst van New York?

“Het is een dagdroomversie van New York. Ik ben zelf opgegroeid in Brooklyn, en dat is niet hetzelfde als Manhattan. De oorzaak ligt opnieuw bij Hollywood. Het New York dat ik weergeef in mijn films, met mooie ‘brownstone’-gebouwen en chique recepties en verfijnde dames met een bontjas over de schouders, heb ik uit films gedistilleerd. Begrijp me niet verkeerd, ik leef niet met mijn kop in het zand. Ik weet ook wel dat New York in werkelijkheid lang niet zo fraai is. Maar ik heb geen zin om verhalen te vertellen over die harde realistische kant. Je ziet het ook in ‘A Rainy Day in New York’. Bij mij is de gietende regen heel romantisch, in het echte leven worden de meeste mensen er sikkeneurig van.”

Twee van de personages in ‘A Rainy Day in New York’ zijn prostituee. Dat beroep komt wel vaker aan bod in uw films. Wat vindt er u zo boeiend aan?

“Prostitutie is een beroep waar verschillende mythes rond hangen. Eén mythe luidt dat het hun lievelingsjob is. Geloof me vrij, ik heb al met verschillende prostituees gepraat, en ze zouden allemaal liever op een andere manier hun boterham verdienen. Daar twijfel ik geen moment aan. Het is wel zo dat sommigen het minder onaangenaam vinden dan anderen. Sommige prostituees zeggen dat ze kunnen genieten van bepaalde aspecten van de job, anderen haten elk moment. Maar ik ben ervan overtuigd dat ze allemaal een andere carrière zouden kiezen als ze konden. Diep vanbinnen voelt geen enkele vrouw zich er goed bij, hoe groot haar seksuele honger ook is.”

De prostituees in uw films zijn altijd heel positieve personages.

“Dat is mijn cliché. Die vrouwen hebben een hard leven geleid en zijn doorgewinterd. En ze hebben ook een gevoel voor humor. Dat hebben ze nodig om zichzelf te beschermen. Maar het is en blijft een triest beroep.”

Ruben Nollet / @rubennollet

RECENSIEOVERZICHT
A Rainy Day in New York