SOUNDCHECK. ‘Artificial Horizon’, de derde van TaxiWars: “Belgen doen wat ze fucking willen”

SOUNDCHECK. 'Artificial Horizon', de derde van TaxiWars:
Foto Anton Coene

Voor een land met heel wat regionale gevoeligheden, zijn Belgische muzikale producten opvallend grenzeloos. Voorbeeld bij uitstek is TaxiWars, het project van jazzvirtuoos Robin Verheyen en dEUS-motor Tom Barman. Op ‘Artificial Horizon’, al hun derde album, tonen ze zich op hun meest radiovriendelijk tot nu toe.

De sporadische grijze haren en al ietwat diepe groeven naast de ogen vertellen dat er zojuist twee mannen met ervaring aan tafel zijn geschoven. Toch verraadt de flikkering in hun ogen dat Tom Barman en Robin Verheyen kinderlijk veel zin hebben om hun derde plaat aan de man te brengen. Met ‘Artificial Horizon’ bulkt TaxiWars van de ambitie, maar de kern van de groep is nog steeds gebouwd op spielerei.

Robin Verheyen (saxofoon): “Pas op, er kruipt veel te veel werk in om het enkel maar spielerei te noemen. (lacht) Wij zijn allebei mensen die alles aan 100% doen. Als het voor ons gewoon speeltijd zou zijn, dan zou ik het niet willen doen.”

Tom Barman (zang): “Het is wel lichter dan wat ik normaal doe en daarom is het zo complementair. dEUS is een machine waar je vanaf het begin met twintig mensen bezig bent en TaxiWars bestaat maar uit vier. Vijf met de geluidsman erbij. Daardoor kunnen we snel schakelen en manoeuvreren.”

Wat hebben jullie in vergelijking met de vorige twee albums anders gedaan?

Barman: “We hebben het instrumentarium verbreed zonder de groep te verbreden. Robin heeft veel naar piano geluisterd, waardoor de sax meer ademruimte heeft gekregen en er dus meer variatie is. De enige maatstaf deze keer was of iets mooi, opwindend of nieuw klonk.”

Geen strak afgelijnd opnameplan dus. Gold dat ook voor de teksten, Tom?

Barman: “Goh, doorgaans dicteert het nummer wat het wordt en dat kan speels, grappig of persoonlijk zijn. Hier en daar zijn de teksten wat abstracter, maar ‘Irritated Love’ is dan weer een heel direct liefdeslied. Ik heb ook mijn eerste meditatienummer gemaakt, ‘Different Or Not’. Het nummer wordt gedragen door een sixtiesbeat, dus daarom leek het me een goed idee om dat te combineren met wat flowerpower.” (lacht)

Dit album klinkt iets zachter dan de vorige twee.

Barman: “We exploreren hoe songgericht we kunnen gaan. Ik denk dat we daar misschien op het volgende album nog een stap verder in kunnen gaan voor we het roer weer helemaal omgooien. Zeker in een groep als de onze, waarin we ons heel goed amuseren, is er ruimte voor die golfbeweging.”

Robin, jij woont in New York en Tom is een Antwerpenaar, twee steden met een heel eigen gezicht. Bepalen die mee jullie muzikale creaties?

Verheyen: “New York is een groot deel van wie ik ben als muzikant. Het is daar dat ik muzikaal volwassen ben geworden. Er hangt een heel eigen energie, alles moet er snel gaan. Dat is iets dat mij ook meteen aansprak in de samenwerking met Tom. Hij is ook iemand waarbij alles vooruit moet gaan en die to the point werkt.”

Barman: “Ich bin ein New Yorker.” (lacht)

Verheyen: “Hij is eigenlijk een New Yorker zonder er ooit gewoond te hebben. Gedetacheerd naar Antwerpen, als het ware. Ik heb er soms moeite mee om te werken met mensen uit Europa omdat de dingen te traag gaan. In New York is het simpel: you do it or you don’t. In juli heb ik met een paar muzikanten een sessie gespeeld bij iemand thuis. Het klikte, dus: ‘let’s make a band’. Als er muzikale chemie is, wordt daar niet getwijfeld.”

Tom, dit is je derde plaat als zanger van een jazzband. Voel je je al een jazzzanger?

Barman: “Nee, zot. Ik zie mezelf nog altijd als een cheeky inbreker, wat heel leuk is. Tegelijk voel ik me als een vis in het water, want ik hou van die muziek en vind het zalig om af en toe eens niet te zingen. Dan sta ik aan de zijkant van het podium te dansen.”

Verheyen: “Het traditionele concept van een jazzzanger is in deze groep niet van toepassing. We gaan nooit klassiekers coveren. Hij moet gewoon zijn wie hij is en ik doe hetzelfde. Hetzelfde geldt voor Nicolas (Thys, bass) en Antoine (Pierre, drums). Hun persoonlijkheid en inbreng in de groep is even belangrijk.”

Wanneer stopt iets jazz te zijn en wordt het een ander genre?

Barman: “Goh, moeten mensen als een verkeersleider zeggen waar de grens ligt? Wij denken zo niet.”

Verheyen: “Je bent daar niet mee bezig als je muziek maakt. Een belangrijke factor is uiteraard improvisatie en dat zit ook in onze band, in sommige nummers meer dan in andere. Voor mij is dat ook niet zo belangrijk. Wanneer ik met mijn kwartet speel, zal dat een heel andere definitie zijn dan wanneer ik met TaxiWars werk. Het is gewoon muziek.”

Er zijn ongetwijfeld jazzpuristen die vinden dat wat jullie doen teveel afwijkt van de kern van het genre.

Barman: “We gaan geen tijd verspillen aan puristen. Het woord ‘purist’ alleen al klinkt fascistisch. Fuck off. Het is een Belgisch kenmerk om grenzen af te tasten. Wij zijn beeldenstormers. Robin kan zoveel roepen als hij wil dat hij door New York gevormd is, maar hij is geboren in Turnhout. Het is geen toeval dat hij met mij samenwerkt. Dat is deels omdat hij Belg is. Wij zijn avant-gardisten, wij zijn meta en we doen wat we fucking willen. Dat is waarom hier zoveel goede dingen gebeuren. Het zou bij een Fransman zelfs niet in hem opkomen zoiets te doen. Vertrouw me, Belg zijn helpt.” (lacht)

Xavier Vuylsteke de Laps

‘Artificial Horizon’ (zie p. 8) komt 6/9 uit bij Sdban Records. TaxiWars speelt 7/9 op Villa Pace en staat 10/11 in de AB.

RECENSIEOVERZICHT
Taxiwars - Artificial Horizon