Brussel wordt 75 jaar later opnieuw bevrijd

Brussel wordt 75 jaar later opnieuw bevrijd
Foto A. Verbrugghe

Het was een opmerkelijk zicht vanochtend langs de Brusselsesteenweg te Halle, waar een lange colonne legervoertuigen geparkeerd stond. Waar in de jaren 40 het gebulder van kanonnen in de verte hoorbaar was, raasden nu gehaaste pendelaars in blitse wagens voorbij. Onze reporter volgde het leger in hun opmars richting Brussel, waar de 75ste verjaardag van de bevrijding van onze hoofdstad werd herdacht.

De colonne is een samenwerking van de landmacht en het War Heritage Institute, de erfgoedpoot van Defensie. Ze bestaat uit 20 moderne voertuigen van het leger en 50 gerestaureerde WOII-voertuigen. Enkele voertuigen waren er effectief bij tijdens de bevrijding in 1944, een operatie die verbazend snel ging, zo legt Franky Bostyn, adjunct-directeur-generaal van het War Heritage Institute, uit.

«In de nacht van 2 op 3 september zaten de Britse troepen van Montgomery nog in Noord-Frankrijk. Toen hebben ze in Henegouwen de grens overgestoken en in een ijltempo verliep de opmars naar Brussel via Ath en Edingen. Op 3 september ’s avonds hebben de eerste troepen, de First Battalion Welsh Guards, Brussel bevrijd. Ze werden geholpen door het Belgische verzet, dat alle wegen vrijmaakte en de Duitse communicatie saboteerde. De nazi’s waren compleet verrast door de snelle geallieerde opmars. Ze waren zelfs nog papieren aan het verbranden toen ze opeens oog in oog met de vijand stonden.»

Colonne schiet zich op gang

Na een lange tijd wachten in Halle schiet de colonne zich met de nodige rookvorming op gang en kan de bevrijding plaatsvinden. Om mijn sympathieke chauffeur Alain te quoteren: “In het leger worden we betaald om te wachten”. De kakigroene stoet passeert langs Sint-Pieters-Leeuw, Anderlecht, het Zuidstation, de Louisalaan en Belliardstraat doorheen Brussel richting Jubelpark. Langs de weg heeft zich een divers publiek verzameld: van kirrende leerlingen, senioren in de rolstoel, zigeunermeisjes, zwervers met een blikje Gordon in de hand, mensen die een festivalstoeltje hebben meegenomen tot de toevallige passant die in z’n onderbroek in de deuropening staat te kijken. Vanop de tank zien we een beeld van België anno 2019, en het is hartverwarmend. Haast alle toeschouwers hebben een glimlach op het gezicht én velen zwaaien of maken het V-teken.

Bij het binnenrijden van Brussel worden we ook geconfronteerd met het bord met daarop de ‘Lage Emissie Zone’. Gelukkig was deze maatregel in 1944 nog niet van tel, of het zou de bestuurders van de Shermantanks, die ruim 500 liter benzine per 100 km verbruiken, een fikse boete hebben opgeleverd.

“Wat is er aan de hand in de wereld?”

Eenmaal aangekomen aan het Jubelpark, komen de voertuigen tot een stilstand onder de schaduw van de triomfboog. Heel wat kinderen, legerfanaten en notabelen wonen de intocht bij. Na een speech door Brussels burgemeester Philippe Close en Brussels minister-president Rudy Vervoort is het de beurt aan Philip Curtis. De 95-jarige veteraan maakte de bevrijding mee en deelt een opmerkelijke boodschap. “Wat is er aan de hand in de wereld? De communicatie ontbreekt, we praten als personen niet meer met elkaar. Mijn eigen buurman zegt zelfs geen dag meer tegen me”, vertelt hij.

De colonne bolt morgenvanavond verder via Breendonk naar Antwerpen, en van daaruit naar Leopoldsburg. Maar tot dat moment dompelen de voertuigen, een radiokamp, swingbands, een vintagemarkt en een kapsalon uit de jaren 40 het Brusselse Jubelpark eerst nog een dag onder in de sfeer van weleer.

Aaron Verbrugghe