Waarom herinneringen langzaam vervagen

Hoe groter het neuronennetwerk, hoe sterker de herinnering.
AFP / M. Medina

Waarom kan je je moeiteloos de naam van die ene rare klasgenoot in de basisschool nog herinneren, maar kan je niet op de naam komen van een persoon die je net ontmoet hebt? Het geheim zit hem in het aantal geactiveerde neuronen in de hersenen, zo heeft een team van wetenschappers uitgezocht.

Carlos Lois, een vooraanstaande bioloog en biologieprofessor, publiceerde zijn onderzoek vorige week in het wetenschapsblad Science. Hij onderzocht samen met een team wetenschappers het ontstaan en vervagen van herinneringen bij proefmuizen. Zijn bevindingen werpen nieuw licht op de werking van het geheugen na hersenschade, zoals bij beroertes of dementie.

Het team monitorde het neuraal netwerk van muizen die een nieuwe plaats ontdekten. De dieren werden op een recht parcours omheind met witte muren geplaatst. Met symbolen werden verschillende locaties langs de muren gemarkeerd. Aan weerszijden van het parcours werd suikerwater gezet. Toen de muizen op verkenning gingen werd hun neuronenactiviteit in de hippocampus, het deel van het brein waar nieuwe herinneringen gevormd worden, in kaart gebracht.

Groter neuronennetwerk

De muizen zwierven tot ze bij het suikerwater aankwamen. Wanneer ze een symbool op de muur opmerkten, werden geïsoleerde neuronen geactiveerd in de hersenen. Na enkele passages op het parcours wisten de muizen het suikerwater staan, en zagen de onderzoekers hoe meer en meer neuronen in de muizenhersenen synchroon geactiveerd werden bij het zien van de symbolen op de muur. Na verloop van tijd wisten de muizen waar het suikerwater stond ten opzichte van elk symbool op de muur.

Om te achterhalen hoe herinneringen mettertijd vervagen werden de muizen 20 dagen lang uit het parcours gehouden. Toen ze het parcours weer op mochten, wisten muizen die een groter neuronennetwerk activeerden tijdens de proef al snel waar ze naartoe moesten lopen. Die muizen deden een beroep op een grote groep neuronen in de hersenen, ook al werden niet dezelfde neuronen geactiveerd als tijdens de vorige proef. Kortom: een grote groep neuronen gebruiken stelt het brein in staat om meer accurate herinneringen te activeren, ook al zijn de neuronen die origineel gebruikt werden bij het vormen van de bewuste herinnering beschadigd of niet geactiveerd.

Geheugenverlies voorkomen

“Stel je voor dat je een lang en complex verhaal moet onthouden en na enkele maanden moet navertellen”, vertelt hoofdonderzoeker Walter Gonzalez. “Om het verhaal zo accuraat mogelijk te kunnen navertellen, kan je het eerst aan vijf vrienden vertellen en op regelmatige basis samenkomen om het verhaal samen te reconstrueren. Zo kan je elkaars gaten in het verhaal opvullen. Daarbovenop zou je bij elke nieuwe samenkomst nieuwe vrienden kunnen meenemen, zodat nog meer mensen het verhaal kennen en kunnen aanvullen. Het brein werkt op een gelijkaardige manier: je neuronen helpen elkaar bij het encoderen van herinneringen, die daardoor zelfs na lange tijd blijven bestaan.”

Bijgevolg kunnen herinneringen bij het ouder worden sneller vervagen, omdat ze door steeds minder neuronen geëncodeerd worden. In de toekomst zouden behandelingen tegen dementie of geheugenstoornissen het aantal neuronen die gebruikt worden bij het aanmaken van nieuwe herinneringen kunnen boosten, om zo geheugenverlies te voorkomen.