Regering betaalde gekibbel op 26 mei

Regering betaalde gekibbel op 26 mei

Het vertrouwen in de politieke partijen, in de politici en in het federaal parlement ging er tussen 2009 en 2019 gestaag op achteruit. En dat had invloed op het stemgedrag van de kiezers. Dat blijkt voor het eerst uit een ­bevraging door een team van onderzoekers van de VUB, de ULB en KU Leuven, zo schrijven De Standaard en Het Nieuwsblad vandaag. De opvallendste vaststelling is dat Vlaams Belang de proteststem – lees: de kiezers met het laagste politieke vertrouwen – op 26 mei met succes aan zich kon binden. In 2014 trokken die kiezers nog massaal naar de N-VA en in 2009 vooral naar CD&V en N-VA. Aan Franstalige kant, waar het vertrouwen in de politiek nog een pak lager is, ging de proteststem naar de uiterst linkse PTB.

Aan Vlaamse kant wijst VUB-politicoloog Kris Deschouwer op het “gebrek aan cohesie” in de centrumrechtse ­regering. “Politici waren te veel met zichzelf bezig en er waren veel interne conflicten. Daar is behoorlijk wat boosheid over.” Zo toonden Vlaams Belangkiezers, in vergelijking met de kiezers van de andere partijen, uitgesproken ­negatieve emoties – woede, bezorgdheid, frustratie en angst – ten opzichte van de politiek.

Als de regeringspartijen zich de volgende keer een afstraffing willen besparen, zullen ze de ­komende jaren hard moeten werken om het vertrouwen in de politiek terug te brengen, zegt Deschouwer. “Wat nu, na de verkiezingen, weer aan het gebeuren is, de politieke spelletjes en de veto’s, daar heeft de burger geen boodschap aan. Doe iets in plaats van te palaveren”, besluit hij.

bron: Belga