Schade blijft beperkt na aardbeving in Californië

In Californië lijkt de schade na de aardbeving eerder beperkt te zijn gebleven. Volgens de eerste berichten zijn er ook geen slachtoffers gevallen. De Amerikaanse staat werd donderdag opgeschrikt door een schok met een kracht van 6,4 – de zwaarste sinds 1999 – die werd voorafgegaan en gevolgd door verschillende andere, maar zwakkere schokken. De aardbeving situeerde zich op een diepte van 10,7 kilometer en werd onder meer in de miljoenensteden Los Angeles en Las Vegas gevoeld. Dat deed de vrees voor de “Big One”, een zeer grote en dodelijke aardbeving, weer oplaaien. Het epicentrum lag in de regio van Searles Valley en Ridgecrest, een afgelegen gebied op zo’n 240 kilometer ten noordoosten van Los Angeles, aldus het Amerikaanse geologisch bureau USGS.
Een legerbasis in de buurt zou wel aanzienlijke schade hebben opgelopen en de brandweer van Ridgecrest deed een twintigtal interventies, maar maakte geen melding van slachtoffers. De brandweer van San Bernardino signaleerde schade aan sommige wegen, barsten in gebouwen en beschadigde elektriciteitspalen maar ook hier zouden geen gewonden zijn gevallen. De burgemeester van Los Angeles twitterde op zijn beurt dat in de stad “geen grote schade werd gemeld”, en gelijkaardige berichten kwamen er uit Las Vegas. De Amerikaanse president Donald Trump liet tot slot via twitter weten dat hij volledig werd geïnformeerd over de aardbeving in het zuiden van Californië en dat alles “grotendeels onder controle lijkt”.
In de staat Californië leeft het spookbeeld van de “Big One”, een vernietigende aardbeving op de belangrijkste breuklijn, de San Andreas-breuk, die een van de komende decennia wordt verwacht. Hoewel de beving van donderdag de zwaarste is die de regio sinds 1999 heeft gehad, deed de schok zich niet voor op die gevreesde breuklijn.

Bron: Belga