Nairo Quintana wil nog eens schitteren op grote hoogte

Nairo Quintana wil nog eens schitteren op grote hoogte

Nairo Quintana (Movistar) kwam in 2013 binnen langs de grote poort, met meteen een tweede stek in het eindklassement van de Tour. Dat kunstje deed hij nog eens over in 2015 en verder won hij de Giro van 2014 en de Vuelta van 2016, maar zijn flitsen bergop toonde de 29-jarige Colombiaan daarna nog amper in de Franse rittenkoers. Nu Chris Froome en Tom Dumoulin niet van de partij zijn, wacht hem een unieke kans om eindelijk de oppergaai te grijpen. In 2016 werd Quintana nog eens derde in de Tour, daarna kwam hij niet meer in de buurt van het podium, met een twaalfde plaats in 2017 en een tiende in 2018. Wat er vorig jaar fout liep, werd nooit echt duidelijk, in 2017 zou de combinatie met de Giro (waarin hij tweede werd) hem slecht bevallen zijn.

Dit jaar gaat Quintana resoluut voor de Tour en reed hij geen Giro vooraf. Met veel kilometers bergop en zes bergen boven de 2.000 meter zou de Colombiaan in het voordeel moeten zijn. Zijn ploeg is ook niet slecht tegen de klok en moet dus niet al te veel vrezen in de ploegentijdrit.

Dit seizoen maakte Quintana nog geen verpletterende indruk. Eén keer mocht hij juichen, voor eigen volk, in de slotrit van de Ronde van Colombia. In Parijs-Nice werd hij tweede in het eindklassement, in de Ronde van Catalonië vierde en in de Dauphiné negende, zonder al te veel op te vallen. Hij viel wel aan in de bergrit in de Dauphiné, maar zonder succes. “Alles staat in het teken van de Tour”, zei hij toen. “Ik wil dan honderd procent zijn.”

Op het persmoment van zijn team, donderdagochtend in Diegem, sprak hij over zijn verwachtingen. “Zoals elk jaar zijn er wat zenuwen voor de start, is de honger er ook om er aan te beginnen. Ik heb me heel goed voorbereid, heb de cruciale ritten verkend na de Dauphiné en ik start hier met ambitie, zoals elk jaar. Ik kan terugvallen op een sterk team, met ook nog Mikel Landa. Twee troeven, dat vormt zeker geen nadeel en hopelijk is het geluk aan onze zijde.”

“Die vele cols boven de 2.000 meter zijn voor mij een goede zaak, want ik ben geboren en getogen op grote hoogte, maar of dit parcours me voordeel biedt ten opzichte van mijn rivalen? Ik weet het niet. Al mijn rivalen bereiden zich voor op de Tour, op die specifieke omstandigheden. Zij hebben ook hun huiswerk gedaan. Maar ik geef toe: de hoogte is zeker geen nadeel voor mij.”

Wie ziet hij dan als zijn voornaamste concurrenten? “The usual suspects. Ineos met Egan Bernal en Geraint Thomas, ik zag de voorbije maanden ook een sterk Astana met Jakob Fuglsang in de vorm van zijn leven en dan heb je ook nog Richie Porte en Adam Yates, die het altijd goed doen in een Grote Ronde. Je mag niemand onderschatten.”

bron: Belga