Racing Genk is kampioen van België

Foto Belga / Y. Jansens

Racing Genk heeft zich van de vierde landstitel in de clubgeschiedenis verzekerd. Het kon zelf wel niet winnen bij Anderlecht, maar dat hoefde ook niet want concurrent Club Brugge ging onderuit op Standard.

Op de negende en voorlaatste speeldag in de Jupiler Pro League ging de kersverse kampioen 1-1 gelijkspelen op het veld van Anderlecht.

Op hetzelfde moment verloor titelconcurrent Club Brugge met 2-0 op bezoek bij Standard. Razvan Marin opende na de pauze de score met een strafschopdoelpunt, toen de Luikenaars al geruime tijd met een man minder stonden.

In het slot zette Marin met zijn tweede van de avond de 2-0 eindstand op het bord op Sclessin. Door de nederlaag heeft Club met nog slechts één speeldag voor de boeg en onoverbrugbare achterstand van vier punten op de Limburgers.

Dag op dag twintig jaar na de eerste titel

Genk kwam in een uitverkocht Constant Vanden Stockstadion al snel 0-1 voor via Bryan Heynen (11.), maar liet de thuisploeg gaandeweg te veel in de wedstrijd komen, wat na de pauze resulteerde in de gelijkmaker van huurling Yannick Bolasie (65.). Het werd nog nagelbijten tot in de slotfase, maar uiteindelijk was de vierde landstitel van de Genkenaars toch een feit – exact twintig jaar na de eerste. De overige titels werden in 2002 en 2011 gevierd.

Philippe Clement

Architect van het succes is Philippe Clement, die met de Belgische titel meteen ook zijn eerste prijs als coach pakt. Individueel werd hij al gelauwerd als Trainer van het Jaar en kreeg hij de Trofee Raymond Goethals. De weg naar de Genkse landstitel begon al vorig seizoen: nadat Clement eind 2017 in de reguliere competitie had overgenomen van de ontslagen Albert Stuivenberg, duurde het niet lang vooraleer de voormalige Rode Duivel de neerwaartse spiraal kon ombuigen. Na Nieuwjaar werd er in de reguliere competitie enkel nog verloren van Anderlecht en AA Gent, in Play-off I gingen ze in tien wedstrijden enkel onderuit tegen de toekomstige landskampioen Club Brugge en vicekampioen Standard. Via winst in de finale tegen POII-winnaar Zulte Waregem mochten ze Europa toch nog in.

Belangrijker was echter dat Clement zijn typeploeg vorig seizoen gevormd had en dat die in het tussenseizoen met onder meer Paintsil, Gano, Lucumi en Ndongala nog versterkt werd in de breedte. In de luwte van het WK voetbal bereidden de Genkenaars hun seizoen voor, waarin ze meteen op kruissnelheid van start gingen. De Limburgers monopoliseerden bijna de koppositie en finaal moest ook Club Brugge als uittredend landskampioen het hoofd buigen. Genk liet immers geen steek vallen en werd zelfs week na week nog beter in Play-off I, ondanks het vertrek van draaischijf Alejandro Pozuelo – wiens droomtransfer naar Toronto door veel waarnemers als catastrofaal omschreven werd. Clement herschikte echter zijn pionnen, met Ruslan Malinovskyi in een aanvallendere rol en Bryan Heynen in de ploeg. Genk hing niet langer af van de grillen en geniale ingevingen van de Spanjaard en legde een meer gevarieerd voetbal op de mat, waar de tegenstanders geen raad mee wisten. In het slot van de competitie wist Clement, ondanks een naderend Club Brugge, de druk toch weg te houden. De eerste matchbal in het Jan Breydelstadion werd nog gemist, vier dagen later in het Astridpark was het toch prijs.

Clement kon de Limburgers dan wel de eerste prijs schenken sinds de bekerwinst van 2013, desondanks is het niet zeker of hij volgend seizoen de club wel volgt richting de groepsfase van de Champions League. De coach blijft immers vaag over zijn toekomst in de Luminus Arena en wordt hier en daar al genoemd als opvolger van Ivan Leko bij zijn ex-ploeg Club Brugge.