Ministers De Block en Geens openen in Holsbeek nieuw gesloten asielcentrum voor vrouwen

Ministers De Block en Geens openen in Holsbeek nieuw gesloten asielcentrum voor vrouwen

De federale ministers Maggie De Block en Koen Geens, bevoegd voor respectievelijk Asiel en Migratie en de Regie der Gebouwen, hebben vandaag in Holsbeek een nieuw gesloten asielcentrum voor maximum 50 alleenstaande vrouwen geopend. Deze vrouwen zullen worden overgeplaatst vanuit de asielcentra van Brugge en Steenokkerzeel, waar ze tot nog toe werden opgevangen. Dat creëert op beide locaties bijkomende capaciteit voor de opsluiting van uitgeprocedeerde mannen. De opening van dit asielcentrum is onderdeel van het ‘Masterplan gesloten centra” dat de regering in mei 2017 goedkeurde en waarin de komst van nieuwe gesloten centra en uitbreiding van bewonerscapaciteit in de bestaande centra voorzien was. Het nieuwe centrum in Holsbeek kadert volgens Geens ook in een streven naar humanisering van de opvang van kwetsbare groepen, zoals alleenstaande vrouwen.

Tot nog toe verbleven zij in de centra van Brugge en Steenokkerzeel, waar ook mannen worden opgevangen. Ze hadden kamers met vier slaapplaatsen of slaapzalen zonder eigen sanitaire voorzieningen ter beschikking. Het centrum in Holsbeek is een voormalig hotel, dat meer privacy en comfort biedt. Het deed in het verleden ook al een tijd dienst als open opvangcentrum.

“We willen een slimme en rechtvaardige politiek voeren als het gaat om de behandeling van de asielaanvraag, maar als na afloop van de procedure blijkt dat iemand geen asiel bekomen heeft, moet hij of zij teruggaan na het bevel gekregen te hebben om het grondgebied te verlaten”, zegt De Block. “We leggen hen steeds uit dat vrijwillige terugkeer mogelijk is, maar als zij dat naast zich neerleggen moeten ze gedwongen terugkeren. In afwachting van de uitzetting bieden we hen een goede opvang, maar we moeten er ook voor zorgen dat het voor de samenleving veilig en leefbaar blijft.”

De bewonerscapaciteit van de gesloten centra zal van 479 plaatsen bij het begin van de legislatuur evolueren naar meer dan 1.100 plaatsen als alle nieuwe infrastructuur operationeel is.

bron: Belga