“Laatste juridische bezwaren tegen CETA verworpen”

Laatste juridische bezwaren tegen CETA verworpen

Nu het Europees Hof van Justitie in een nieuw advies bepaald heeft dat het Europees-Canadees handelsakkoord CETA verenigbaar is met het recht van de EU, heeft het Hof de laatste juridische bezwaren tegen dat verdrag verworpen. Dat zegt vicepremier en minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) in een eerste reactie. Het was België dat naar het Hof was gestapt met de vraag of het in CETA opgenomen mechanisme voor de beslechting van geschillen tussen investeerders en staten wel legaal is. In het CETA-verdrag wordt een nieuw stelsel van investeringsgerechten (Investment Court System, ICS) in het vooruitzicht gesteld. Dat is het hervormde systeem voor geschillenbeslechting, dat het in het verleden fel bekritiseerde ISDS (Investor-State Dispute Settlement System) zal vervangen. Volgens het Hof is het ICS compatibel met het Unierecht.

Door de zaak die België bij het Hof aanhangig had gemaakt, kon CETA in september 2017 slechts voorlopig in werking treden. Toch werden al overtuigende resultaten geboekt, zegt Reynders. “Voor België groeide de uitvoer naar Canada in het eerste jaar sterk met een gemiddelde stijging van meer dan 30 procent, tegenover een Europees gemiddelde van 6 procent (farma, chemie, agro-industrie en industriële goederen).”



“Het advies van het Hof bevestigt onze ambities voor hervorming”, gaat minister Reynders verder. “Het (in CETA geïntegreerde, red.) ICS is de eerste stap naar een multilateraal investeringsgerecht, dat uiteindelijk het bevoegde juridische forum zal worden om geschillen tussen investeerders en landen op te lossen.” Volgens Reynders heeft de Commissie voor internationaal handelsrecht van de Verenigde Naties (UNCITRAL) erkend dat een hervorming nodig is. Deze Commissie, waar België nog tot 2025 in zetelt, onderzoekt nu welke hervorming er precies moet komen.

bron: Belga