VAB pleit voor een mobiliteitsscore voor de woonplaats

VAB pleit voor een mobiliteitsscore voor de woonplaats

Een ‘mobiliteitsscore woonplaats’ die de bereikbaarheid van een woning aangeeft. Met dat voorstel wil mobiliteitsorganisatie VAB jongeren helpen bij hun zoektocht naar een woning waar ze meer vervoersalternatieven hebben, en dus minder afhankelijk van de wagen zijn. VAB wil in het debat over de kilometerheffing meer inzetten op het minder afhankelijk maken van de auto. De keuze van de woonplaats speelt daarbij een belangrijke rol voor alternatieve vervoersmanieren om naar het werk te gaan, klinkt het. De voorbereiding van het rekeningrijden start daarom met het invoeren van zo’n score, dixit VAB.

VAB ziet alvast ruimte voor die aanpak. Een eigen enquête bij 3.000 respondenten door onderzoeksbureau Ipsos bij 18- tot 25-jarigen geeft aan dat jongeren bewuster worden van hun mobiliteitsgedrag en meer open staan voor aanpassingen. Ze zullen gemakkelijker kiezen voor alternatieven zoals de fiets, openbaar vervoer of carpoolen. “VAB wil extra beklemtonen dat een bewuste woonplaatskeuze in functie van vervoersalternatieven de fundamentele basis vormt voor een veel kleinere autoafhankelijkheid. Wie een alternatief heeft voor de auto zal veel gemakkelijker zijn verplaatsingsgedrag aanpassen bij de invoering van rekeningrijden.”



De Vlaamse overheid moet daarom de mobiliteitsscore woonplaats toekennen, aldus VAB om bijvoorbeeld jongeren te helpen bij hun woonplaatskeuze. De score zal dan bepaald worden door de aanwezigheid van fietsverbindingen of de aanwezigheid van het openbaar vervoer, waarbij ook rekening gehouden moet worden met de frequentie van de bediening of de afstand tot bijvoorbeeld een station. Ook de beschikbaarheid van deelsystemen moet een rol spelen, net als de nabijheid van voorzieningen.

“Concreet betekent dit dat het centrum van een stad of gemeente met een frequente treinverbinding een hogere mobiliteitsscore krijgt dan een woonzone aan de rand van die stad of gemeente omwille van de grotere afstand tot het treinstation. Een landelijk woongebied zonder behoorlijk openbaarvervoeraanbod scoort veel lager.”

bron: Belga