SOUNDCHECK. Balthazar: “Dit album komt uit de heupen”

SOUNDCHECK. Balthazar:
Foto Thomas Nolf

De simpele, maar overduidelijke wens van Balthazar was om een betere plaat te maken dan de drie vorige. Geen masterplan, wel een gedeelde visie om minder melancholisch, losser en dansbaar te klinken. En ‘Fever’ lost die verwachtingen over heel de lijn met brio in.

Heerlijke hoes heren, met die strak naar de camera kijkende Afrikaanse wilde honden. Nieuwsgierige blik, goed beseffend dat onderlinge samenwerking het bestaan van de roedel verzekert. Vintage Balthazar quoi.

Jinte Deprez: “Ah, meneer is een kenner. Iedereen spreekt van jakhalzen of hyena’s maar het zijn ‘painted dogs’ zoals ze in het Engels zeggen. We vonden die foto gewoon in een magazine van National Geographic. Het is als het ware een echte bandfoto. De drummer achteraan die in de verte tuurt, daarvoor de bassist die een beetje aandacht vraagt en vooraan de meer mediageile zangers of gitaristen. Die beestjes zien er tegelijkertijd schattig, lelijk en sluw uit. (lachend) Het deed ons wat aan een U2-bandfoto denken.”

Over U2 gesproken. De groep stond op splitten toen de bandleden het eind jaren tachtig oneens waren over de nieuwe muzikale richting. Maar toen speelde The Edge de akkoorden van ‘One’ en het DNA van ‘Achtung Baby’ werd plots tastbaar. Mag ik een link leggen naar het titelnummer ‘Fever’?



Maarten Devoldere: “Bij ons was het minder dramatisch, maar het is vreemd hoe een bepaalde riff, een specifieke klank of gewoon een song een heel proces in gang kan zetten. En dat nog eens binnen een welomlijnd kader. Jinte en ik waren al maanden aan het schrijven in alle mogelijke richtingen maar er gebeurde niets dat ons omver blies.”

Jinte: “We hadden al heel wat songs geschreven en die in uiteenlopende versies opgenomen. Het was echter een bepaalde take van ‘Fever’ die duidelijk maakte welke kant het moest opgaan. Die welbepaalde basklank, exotische en percussieve elementen, wat meer extravert, minder melancholisch… En toch ademend binnen een groepsgevoel. Dat besef was een heerlijk gevoel.”

Maarten: “Eigenlijk zijn we pas in december 2017 beginnen schrijven. Ik was met Warhaus aan het toeren, Jinte met J. Bernardt en wanneer de agenda’s het toelieten begonnen we te schrijven. Er was toen nog geen concept, het was gewoon aftasten en uitproberen. Geen frustraties, want we hadden er wel vertrouwen in dat het op een gegeven moment duidelijk zou worden. Het was dus zeker geen strijd, gewoon lekker amuseren.”

Er dwaalt een soort lichtheid door de plaat, maar ze klinkt nooit vrijblijvend. Dat is pas een goed teken, niet?

Jinte: “Zeer zeker. Het was gewoon tijd om een nieuwe verhaal te vertellen met Balthazar. Minder zwaarmoedig, meer fun en pretentieloos. Na het vertrek van Patricia (Vanneste, viool en toetsen), de komst van Jasper (Maekelberg, producer) en Tijs (Delbeke, gitaar, keys…) lagen er nieuwe wegen open. Ook Simon (Casier, bas) had via Zimmerman zijn grenzen verlegd en dat hoor je ook in zijn manier van spelen.”

Maarten: “Een goed referentiepunt voor de sfeer en de kwaliteit van ‘Fever’ was Talking Heads. David Byrne verstaat als geen ander de kunst om tijdloze songs te schrijven die fris en uitdagend klinken. (lachend) Om maar te zeggen dat de lat hoog lag.”

Ooit gedacht dat die zijprojecten zoveel nieuwe energie zouden aanleveren?

Maarten: “Dat hoop je toch wanneer je er aan begint en het is voor iedereen een zeer bevredigend parcours geweest. Het mooie was dat we elkaar als het ware opnieuw ontdekten. Jinte en ik zijn boezemvrienden met een jarenlange staat van dienst. Op een gegeven moment ga ik kijken naar J. Bernardt en zie ik Jinte daar helemaal zijn ding doen. ‘You talented motherfucker’ schoot er door mijn hoofd. Ik bekeek hem plots weer met een frisse blik.”

Jinte: “En ik had net hetzelfde toen ik Warhaus zag. Je denkt dat je alles weet van elkaar en plots zag ik daar een Maarten performen die ik nog niet eerder gezien had. Ik vroeg me af waar hij al die inspiratie vandaan had gehaald. Ik wist toen ook zeker dat het goed zou komen wanneer we samen weer aan een Balthazar-album zouden beginnen.”

Geef eens kort weer wat de vier platen voor jullie betekenen.

Jinte: “Het zijn zeker momentopnames gebonden aan wie we toen waren. Twintigers ten tijde van ‘Applause’ (2010) en mid-twintigers toen ‘Rats’ in 2012 uitkwam. Misschien zijn die albums meer met het hoofd gemaakt en spreekt er meer een soort bewijsdrang uit.”

Maarten: “Hippe dingen zoals Gorillaz zaten in ons hoofd voor ‘Applause’ terwijl we voor ‘Rats’ onze klassiekers verkenden. De Dylans en Gainsbourgs, weet je wel. ‘Thin Walls’ (2015) kwam echt uit de buik na heel wat toeren en ervaring te hebben opgedaan. We waren toen ook al wat ouder en niet bang om terug wat naïviteit toe te laten.”

Sommige nummers omschrijven jullie als ‘songs for the lovers and dancers’. Verkennen we hier meer onze onderste lichamelijke regionen?

Jinte: “Laten we het proper houden en stellen dat ‘Fever’ uit de heupen komt. Het is evengoed een dansplaat als een luisterplaat. Ik vind ze zeer melodisch binnen de verschillende grooves.”

Maarten: “Er is plaats voor een zekere nonchalance die toch sterk genoeg is door de ervaring die we hebben opgedaan. Jinte en ik hebben duidelijk goed afgestelde smaakpapillen voor popmuziek. Eigenlijk zijn we gewoon altijd meer The Beatles geweest terwijl we naar de buitenwereld toe niets liever dan The Velvet Underground wilden zijn. Nu laten we die lichtere kant toe. (lachend) Maar we hebben er wel de knaap van dertig voor moeten passeren.”

Dirk Fryns

‘Fever’ is uit bij PIAS. Balthazar speelt op 8 maart in de Lotto Arena te Antwerpen. www.balthazarband.be