Nieuw jeugddelinquentierecht goedgekeurd in commissie

Het nieuwe Vlaamse jeugddelinquentierecht is vandaag goedgekeurd in de commissie Welzijn van het Vlaams Parlement. Na kritiek van onder meer het Kinderrechtencommissariaat werden er met amendementen nog een paar zaken aangepast aan het ontwerp van de regering. De invoering is voor 1 september 2019. Het nieuwe jeugddelinquentierecht zou oorspronkelijk op 1 januari worden ingevoerd, maar eind vorig jaar rezen er twijfels over die timing. Bij hoorzittingen in het parlement bleken experts en betrokkenen nog met vragen en bezwaren te zitten. Ook de Raad van State had kritiek. Daarom werd de invoering uitgesteld tot de start van het nieuwe gerechtelijke jaar, na de zomer.

Via amendementen werden nu nog een paar technische zaken aangepast. Zo werd duidelijk gemaakt dat een opsluiting in een gesloten instelling in een fase van oriëntering moet worden afgetrokken van de tijd die een jongere wordt opgesloten na een veroordeling.

Andere opmerkingen van de Raad van State bleken geen rechtzetting te behoeven. Zo wou de Raad dat duidelijk werd gesteld dat een jongere niet enkel als dader, maar ook als slachtoffer recht heeft op bijstand van een advocaat. Daarvoor kon worden volstaan met een verwijzing naar de federale wet op de jeugdbescherming.

De rode draad in het nieuwe Vlaamse jeugddelinquentierecht is de “herstelgerichte benadering”. De jongere moet verantwoordelijkheid opnemen voor zijn acties, de gevolgen ervan inzien en de schade bij het slachtoffer en de maatschappij trachten te herstellen. Het is de bedoeling dat de delictpleger zelf het initiatief neemt en een voorstel doet om het goed te maken.

De ultieme ingreep is en blijft de plaatsing in een gesloten instelling. Om niet meteen naar dat laatste redmiddel te grijpen, zijn er nog andere opties mogelijk, zoals huisarrest met begeleiding. Ook de mogelijkheden van een begeleiding met elektronische monitoring worden onderzocht.

Wanneer er toch een plaatsing nodig is, komt de jongere terecht in een gemeenschapsinstelling. Rond die instellingen verandert er ook een en ander. Momenteel zitten er in sommige gemeenschapsinstellingen jonge daders (“moffers”, waarbij MOF staat voor “misdrijf omschreven feit”) en slachtoffers van geweld- en zedenfeiten (“vossers”, waarbij VOS staat voor “verontrustende opvoedingssituatie”) samen. Aan die moeilijke mengvorm komt een einde. Er komen in de toekomst twee gescheiden sporen.

bron: Belga