Aanslag Joods Museum: juryleden leren dossier kennen

Aanslag Joods Museum: juryleden leren dossier kennen

Om 17.40 uur is de eerste echte dag van het proces over de aanslag op het Joods Museum in 2014 afgerond. Na een moeilijke start maakten de juryleden tijdens de voorlezing van de akte van beschuldiging kennis met het lijvige dossier. De dag begon met een jurylid dat geen opvang kon vinden voor haar kinderen en dus niet kon zetelen. Een reserve-jurylid nam haar plaats in. Daarna volgde een procedurekwestie: de verdediging vocht de burgerlijke partijstelling van een Franse slachtofferorganisatie aan. Na beraad sprak het hof zich niet uit over de kwestie. De organisatie mag het proces daardoor blijven bijwonen als procespartij.

Pas na de middag kon de voorlezing van de akte van beschuldiging beginnen. Beschuldigden Mehdi Nemmouche, gekleed in fel oranje, en Nacer Bendrer, in het zwart, volgden de voorlezing vrij onbewogen, al zocht Nemmouche op het einde van de dag wel herhaaldelijk contact met zijn advocaten. Nemmouche werd de hele dag geflankeerd door drie gemaskerde agenten.



Tegen het einde van de dag was nog maar iets meer dan een derde van de akte voorgelezen. De juryleden kwamen toch al heel wat te weten over de feiten en over de persoon van Nemmouche. De raid op het Joods Museum duurde amper 82 seconden, hoorden ze. De dader ging te werk “als een soldaat”, zo bleek uit verhoren van getuigen.

Nemmouche, die ontkent dat hij de schutter was, werd zes dagen na de aanslag op een bus naar Marseille betrapt met de wapens die in het Museum werden gebruikt. Hij zei echter dat hij de wapens na de aanslag had gestolen uit een auto. Tijdens verhoren in de eerste dagen na zijn arrestatie, beriep Nemmouche zich vooral op zijn recht om te zwijgen.

Voor zijn reis naar Marseille, had Nemmouche een tijdje in Molenbeek verbleven. In de akte van beschuldiging staat dat hij net voor zijn vertrek via een zoekertjessite wel nog een GoPro-camera, een Playstation-console en vier Playstation-spelletjes verkocht. Een huiszoeking in de kamer waar hij had verbleven, leverde weinig bruikbaars op. De speurders stelden wel vast dat de afstand tussen de Sint-Jozefstraat en het Joods Museum kon afgelegd worden in 15 tot 30 minuten, afhankelijk van het gevolgde parcours.

Vrijdag gaat het proces voort met de voorlezing van de rest van de 195 pagina’s tellende akte.

bron: Belga