SOUNDCHECK. Coely: “Ik wil over de hele wereld een stukje van mezelf achterlaten”

SOUNDCHECK. Coely:
Foto Universal Music / I. DeGreef

Haar aandeel in de definitieve doorbraak van de urban scene in België valt moeilijk te overschatten. En de festivals waar ze voorbije zomer niet op de affiche stond, zijn op één hand te tellen. Toch is de honger van Coely nog niet gestild. “Waar dit moet eindigen? Zo ver mogelijk”, verzekert de 24-jarige Antwerpse rapster.

Onlangs hielp ze Bazart nog om het Sportpaleis plat te spelen en lag het publiek in Barcelona aan haar voeten op het Say It Loud-festival. En op de MIA’s kan ze binnenkort zichzelf opvolgen in de categorieën Solo Vrouw en Urban. Maar nog voor ons gesprek goed en wel is begonnen, zijn we al gerustgesteld: Coely is nog steeds de nuchterheid zelve. Letterlijk zelfs. “Een theetje. En als dat er niet is, doe me dan maar een glas water op kamertemperatuur”, vraagt ze beleefd aan de assistente, waarna we haar volle aandacht krijgen.

Je was omnipresent deze zomer. Al bekomen?



Coely Mbueno: “Het was superdruk. Maar je blijft gaan, want het is leuk en je zit in die rush. In 2013 stond ik ook al op een heleboel festivals, maar dat was de beginfase. Intussen begin ik het wel te voelen dat ik de hele tijd van hot naar her moet. Dankzij een goede agenda weet ik telkens nog net in welke stad ik op het podium sta.” (knipoogt)

Mede dankzij jou is de urban scene intussen definitief doorgebroken in België.

(knikt) “Wat Amerika al lang heeft en Nederland sinds enige tijd, gebeurt nu bij ons. Dat merk je aan de nieuwe generaties. Hiphop staat bij elke jongere bovenaan de lijst en ze ontdekken welke fantastische artiesten er allemaal zijn, ook in België. Van DVTCH NORRIS en TheColorGrey tot Blu Samu, Zwangere Guy en L’Or Du Commun: iedereen kan eindelijk zijn ding doen. De deuren staan echt open nu!”

Zelf wordt je omschreven als ‘de Vlaamse Beyoncé’ en vergeleken met Nicki Minaj. Hoe voelt dat?

“Dat is echt insane. Ik kijk op naar die artiesten en houd goed in de gaten hoe zij het aanpakken. Iemand als Beyoncé is een rasperformer, zoals vroeger ook Michael Jackson. En Nicki Minaj is de reden dat ik ben beginnen rappen, haar stijl en stem zijn amazing… (denkt na) Weet je, die vergelijkingen motiveren me om zelf ook te knallen. Maar tegelijk ben ik iemand anders: mijn stem en die van Nicki Minaj, dat is bijvoorbeeld dag en nacht verschil. Ik streef naar het niveau van die toppers, maar probeer niet om hen te imiteren. Dat zou weinig verrassend zijn. Gelukkig beseffen de meeste mensen ook wel dat ik mijn eigen ding doe.”

Je werkt ook steeds professioneler, tegenwoordig zelfs met een styliste.

“Eigenlijk zijn we al heel lang professioneel bezig, hoor. (lacht) Maar de styliste vind ik inderdaad heel leuk. Kate (Housh, red.) geeft me tips en laat me tegelijk mezelf zijn. Samen experimenteren we, bijvoorbeeld met mijn blauwe haar. Mede dankzij haar voel ik me sexy en zelfverzekerd op het podium.”

Na je debuutalbum ‘Different Waters’ vorig jaar, regende het dit jaar onderscheidingen en grote concerten. Gaat het harder dan ooit?

“Het is al zeven jaar hard aan het gaan, want ik kom voortdurend in nieuwe hoofdstukken terecht. Ik ben begonnen met ‘Ain’t Chasing Pavements’, waarna festivals geïnteresseerd raakten. Terwijl ik nog op school zat, was er al een EP in de maak en deed ik het voorpragramma van grote artiesten. Daarna bleef het even stil, omdat ik mijn tijd wilde nemen voor een goed album. Toen dat klaar was, ging ik langs een uitverkochte AB, Het Depot, De Roma… Ik ben voortdurend bezig en alles wordt eigenlijk altijd maar groter.”

Waar moet dat eindigen?

“Zo ver mogelijk! Het doet deugd als ik zie in welke landen ik al allemaal wordt gevolgd via YouTube en Instagram. Mijn grootste droom is om overal een stukje van mezelf achter te laten, en daar wil ik hard voor werken.”

Te beginnen met een nieuwe plaat.

“Ach, die komt wanneer ze komt. Mijn eerste album was een zoektocht, maar nu kan ik eigenlijk alle kanten uit. Ik doe voortdurend nieuwe ervaringen op, zoals deze zomer op Tomorrowland. We zijn vanalles aan het proberen en maken op het einde gewoon de beste keuzes. Dat geeft een fijn gevoel.”

Matthias Adriaensen