Proefproject met “Simba-ouders” voor allerjongsten in de jeugdhulp

Baby’s en peuters die in aanraking komen met de Vlaamse jeugdhulp, zullen niet langer enkel in een pleeggezin of in een voorziening opgevangen kunnen worden. Vanaf 1 januari start Jongerenwelzijn een proefproject waarbij de allerjongsten kunnen worden opgevangen door zogenaamde “Simba-ouders”. Dat zijn ouderfiguren die twee tot vier jongeren opvangen in een kleinschalige, familiale setting. SOS Kinderdorpen staat in voor de organisatie en krijgt daarvoor een subsidie van 290.000 euro. Voor heel jonge kinderen die uit huis moeten worden geplaatst, is een pleeggezin de eerste optie binnen de Vlaamse jeugdhulp. Maar er zijn ook erg jonge kinderen die in een voorziening belanden.
Vanaf januari test Jongerenwelzijn samen met SOS Kinderdorpen een nieuwe optie uit, namelijk de opvang in “familiehuizen”. Concreet zullen vier baby’s en peuters tot 3 jaar (met eventueel een oudere broer of zus tot maximaal 6 jaar) opgevangen en begeleid worden in een kleinschalige, familiale setting.
Twee vaste ouderfiguren, van wie er minstens één professioneel opgeleid moet zijn in de zorg, zullen samenwonen met twee tot maximaal vier jonge kinderen in een huis. De inwonende begeleiders worden “Simba-ouders” genoemd. Van hen wordt niet alleen verwacht dat ze rekening houden met de “ontwikkelings- en hechtingsbehoeften van het jonge kind”, maar ook dat ze “zich goed kunnen verhouden met de biologische ouders”.
Als er zich toch problemen zouden voordoen, kunnen de Simba-ouders terugvallen op de erkende private voorziening Simba van SOS Kinderdorpen
“De zorg voor kwetsbare jonge kinderen in de jeugdhulp is een beleidsprioriteit”, zegt Peter Jan Bogaert, woordvoerder van Jongerenwelzijn. “Hoe sneller we kunnen ingrijpen, hoe beter. Met deze innovatieve opvangvorm zetten we in op kleinschalige, warme en familiale zorg”, klinkt het.
Vlaams parlementslid Lorin Parys (N-VA) reageert tevreden op het initiatief. Parys heeft vorig jaar zelf een conceptnota uitgewerkt waarin hij pleitte voor soortgelijke gezinshuizen. Kinderen onder de 6 jaar horen volgens hem niet in een voorziening, maar hebben nood aan “geborgenheid en de stabiliteit van een gezinsomgeving”. Daarom pleitte Parys voor het systeem van de gezinshuizen, een systeem dat ook al in Nederland bestaat.
Parys: “We zijn er rotsvast van overtuigd, net zoals internationaal onderzoek laat zien, dat we zo jonge kinderen die thuis niet kunnen opgroeien een veel betere start geven in het leven. Ik ben dan ook blij dat het eerste experiment nu het licht ziet bij SOS Kinderdorpen die 290.000 euro krijgen van de Vlaamse regering om hiermee aan de slag te gaan.”

bron: Belga