Partnergeweld blijft een zorgwekkend fenomeen

AFP / W. De Wet

Volgens de Europese Commissie wordt één vrouw op drie in Europa het slachtoffer van lichamelijk of seksueel geweld. Onder andere een nieuwe campagne van de Europese Commissie wil daar iets aan doen.

Partnergeweld blijft een bijzonder groot probleem in België. Deze zomer stonden er in ons land al 25 vrouwenmoorden op de teller. Vrouwen die gedood werden omdat ze vrouw zijn. In Brussel liepen in 2016 maar liefst 500 klachten voor seksueel geweld binnen en in Europa wordt één vrouw op drie ooit het slachtoffer van lichamelijk of seksueel geweld. De hulplijn tegen partnergeweld kreeg vorig jaar 4.862 oproepen. En dat is maar het topje van de ijsberg, want heel wat vrouwen geven dat geweld nooit aan.

Een mondiale dag



De Internationale dag voor de Uitbanning van Geweld tegen Vrouwen vestigt de aandacht op het probleem. Maar er is meer nodig dan een symbolische dag om deze plaag te bestrijden. In België roepen verenigingen in het bijzonder familieleden van slachtoffers op om zich te mobiliseren. Door simpelweg te vragen of alles goed gaat, kan een abnormale situatie soms aan het licht komen.

Internationale acties

De Europese Commissie heeft de campagne ‘Non.No.Nein – say no! Stop violence against women’ gelanceerd. Er werd 15 miljoen euro vrijgemaakt voor de lidstaten en maatschappelijke organisaties om getroffen vrouwen te ondersteunen. De VN zetten dan weer het SpotLight-initiatief op poten om de aandacht op dit wereldwijde probleem te vestigen. De Europese Commissie heeft ook voorgesteld dat de EU zich aansluit bij het Verdrag van Istanbul inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en partnergeweld. In België werd die tekst bekrachtigd op 1 juli 2016

“Het taboe rond partnergeweld moet doorbroken worden”

Partnergeweld blijft een harde realiteit in België, zegt Liesbet Vangeel, beleidsmedewerkster van de ngo FOS, die onder meer inzet op sociale bescherming. “Er moet over gepraat worden om het probleem aan het licht te brengen.”

Foto Ali Selvi

Partnergeweld blijft een realiteit, zowel in België als in het buitenland.

“Volgens het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen werd één op de zeven Belgische vrouwen de afgelopen twaalf maanden het slachtoffer van geweld door hun partner of ex-partner. Dat kan gaan om lichamelijk, seksueel, psychologisch of in zeldzamere gevallen zelfs economisch geweld. Op internationaal niveau is het probleem nog prangender, met één vrouw op vijf die te maken krijgt met seksueel of lichamelijk geweld.”

Waarom blijft het probleem duren in ons land, ondanks de geleverde inspanningen?

“Het is een probleem dat zich situeert in de privésfeer en dus onzichtbaar blijft voor de buitenwereld. Het helpt ook niet dat er nog altijd een taboe op rust. De slachtoffers durven er niet over praten, uit schaamte of schuldgevoel. En eventuele getuigen durven geen vragen stellen.”

Hoe valt die situatie te deblokkeren?

“In België moeten we de inspanningen voortzetten om slachtoffers makkelijker toegang te verlenen tot structuren die hun klachten behandelen. Maar we moeten ook het taboe doorbreken en durven praten over geweld. Iedereen moet zich ervan bewust worden. Dat helpt de slachtoffers uit hun situatie te bevrijden. Op onze website staan tips voor het grote publiek om een delicate situatie aan te pakken, als er vermoedens zijn. We leggen ook de basisprincipes van geweldloze communicatie uit, om conflicten op te lossen. Je moet vooral duidelijk maken wat je voelt, naar anderen luisteren zonder hen te onderbreken, hen proberen te begrijpen.”

En op internationaal niveau?

“We moeten ons inspireren op landen die het goed doen op het vlak van gendergelijkheid, want we stellen vast dat daar minder partnergeweld voorkomt. Dat betekent op de eerste plaats een aangepaste wetgeving. Momenteel hebben 49 landen geen enkele wet inzake partnergeweld. In 37 landen kan een verkrachter zelfs een straf ontlopen als hij met zijn slachtoffer trouwt. Zo gaat het geweld verder in de privésfeer. De Belgische regering moet er bij haar partners op aandringen om actie te ondernemen. We moeten ook maatschappelijke organisaties steunen. Er is veel vooruitgang geboekt op het vlak van vrouwenrechten dankzij de strijd van feministische bewegingen. Het zijn zij die zaken in beweging zetten. We moeten hen daarbij helpen.”

www.horenzienenpraten.be