VRT “vraagt geen geld voor verslaggeving”

VRT "vraagt geen geld voor verslaggeving"

De VRT ontkent dat het “tegen betaling” aan verslaggeving doet, zoals enkele kranten vandaag schrijven. “Dit is niet juist. Wat onze radio’s wel doen, is samenwerkingen aangaan met organisaties om een speciale live-uitzending op poten te zetten”, luidt het in een mededeling. Die samenwerkingen passen volgens de openbare omroep ook helemaal binnen de afspraken die in het kader van de beheersovereenkomst werden gemaakt. Organisaties en culturele instellingen kunnen tegen betaling aandacht krijgen op de VRT-radiozenders, schrijven De Morgen en Het Laatste Nieuws. Ze citeren een prijskaartje van 1.800 tot 9.750 euro. De Vlaamse Vereniging van Journalisten spreekt van een inbreuk tegen de deontologische regels.

In een omstandige reactie zegt de VRT dat de voorstelling van de feiten “niet juist” is. “Onze redacties, en zeker onze nieuwsredactie, werken volledig onafhankelijk. Wat onze radio’s wel doen is samenwerkingen aangaan met organisaties om een speciale live-uitzending met publiek op poten te zetten. Dat kost meer dan een uitzending in de studio en die extra kost delen we met de betrokken organisatie.” Culturele organisaties “een megafoon naar heel Vlaanderen” bezorgen, doet de VRT al sinds de jaren 1980, “met roemruchte programma’s als ‘Te bed of niet te bed’ en ‘Radio Rijswijck'”.



Volgens radio-manager Els Van de Sijpe toetst de openbare omroep elke potentiële samenwerking aan haar intern reglement. “We gaan telkens na of de missie, waarden en handelwijze van onze partners stroken met de missie en waarden van de VRT en we werken samen met een brede waaier aan partners zonder favoritisme.” Elke overeenkomst wordt ook in een sluitende overeenkomst gegoten, waarin de redactionele autonomie expliciet gewaarborgd staat, zegt Van de Sijpe.

De VRT benadrukt dat de samenwerkingen helemaal binnen de afspraken in haar beheersovereenkomst met de Vlaamse overheid passen. Daar staat: “de VRT maakt relevante culturele evenementen bereikbaar voor iedereen en behoudt onder meer via evenementen op locatie een rechtstreeks contact met de Vlamingen”.

bron: Belga