Steeds meer landbouwers zetten zich in voor biodiversiteit

Steeds meer landbouwers zetten zich in voor biodiversiteit

Meer dan 3.000 landbouwers zullen dit jaar een beheerovereenkomst sluiten met de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). Dat meldt het agentschap vandaag. Zo geven de landbouwers aan dat ze de natuur, het landschap of het milieu een duwtje in de rug willen geven. Een beheerovereenkomst is een vrijwillige overeenkomst met de VLM die vijf jaar duurt. De bedoeling is dat landbouwers in ruil voor een jaarlijkse vergoeding extra inspanningen doen voor het milieu, de natuur en de biodiversiteit in Vlaanderen. Alle beheerovereenkomsten samen zijn goed voor 9.691 hectare landbouwgrond.

Landbouwers nemen voornamelijk maatregelen voor de bescherming van akker- en weidevogels. Die omvatten 3.601 hectare of 37 procent van de totale oppervlakte voor beheerovereenkomsten. Ze engageren zich bijvoorbeeld om gewassen te laten staan als voedsel voor vogels in de winter of om percelen niet te snel te maaien.
Op de tweede plaats staan de maatregelen voor waterkwaliteit. Die zijn nog goed voor 3.234 hectare of 33 procent van het totale areaal. Op 650 hectare loopt een beheerovereenkomst erosiebestrijding. Het gaat dan om grasstroken of percelen die ingezaaid werden met gras op strategische plaatsen.



Ook voor de beheerovereenkomsten perceelsrandenbeheer en botanisch beheer wordt er een stijging in oppervlakte opgetekend. De beheerdoelstelling perceelsrandenbeheer telt bovendien de meeste dossiers, namelijk 1.537. Bij de beheerovereenkomsten voor het onderhoud van kleine landschapselementen neemt het aantal maatregelen voor het onderhoud van haag, kaphaag en knotbomenrij elk jaar toe.

Volgens de VLM hebben de beheerovereenkomsten wel degelijk een positieve invloed op de biodiversiteit. Zo werden in het voorjaar jagende nachtzwaluwen waargenomen boven perceelsranden in Meeuwen-Gruitrode, de pas aangelegde vogelakkers trekken interessante soorten aan zoals de veldleeuwerik en velduil, en de beheerovereenkomsten dragen bij aan de overleving van de erg zeldzame knoflookpad.

Uit lopend onderzoek van het Instituut van Natuur- en Bosonderzoek blijkt ook dat de maatregelen een positief effect hebben op de aanwezigheid en de soortendiversiteit van broedvogels. Het is dus belangrijk om maatregelen in gebieden te concentreren, besluit VLM.

bron: Belga